Einde inhoudsopgave
Forumkeuze in het Nederlandse IPR (R&P nr. 159) 2008/15.5.4
15.5.4 Verzekeringnemer en verzekeraar c.q. consument en wederpartij hebben woonplaats in dezelfde staat
mr. P.H.L.M. Kuypers, datum 29-02-2008
- Datum
29-02-2008
- Auteur
mr. P.H.L.M. Kuypers
- JCDI
JCDI:ADS419250:1
- Vakgebied(en)
Internationaal privaatrecht (V)
Voetnoten
Voetnoten
Anders: Strikwerda, Inleiding NIPR, p. 268 die aanneemt dat de zaak later een internationaal karakter moet krijgen.
Rapport Schlosser, PbEG p. C 59/119; Gothot/Holleaux, La Convention, p. 81, nr. 139; GaudemetTallon, Compétence en Europe, p. 233; Gottwald/Nagel, IZPR, p. 124.
Killias, Gerichtsstandsvereinbarungen, p. 123.
Art. 11 lid 1 EEX-V°/10 lid 1 Verdrag verwijzen voor de bevoegdheid tevens naar de lex fori.
Verheul, Rechtsmacht, Deel 1, p. 71.
Kramer, VA 2006, p. 114.
HvJ EG 12 mei 2005, zaak C-112/03, SFIP/AXA Belgium e.a., Jur. 2005, p. 1-3707, NJ 2006, 513, r.o. 43.
HvJ EG 12 mei 2005, zaak C-112/03, SFIP/AXA Belgium e.a., Jur. 2005, p. 1-3707, NJ 2006, 513, r.o. 40.
Art. 6 WIPR. Een bijzondere bepaling over verzekeringsovereenkomsten ontbreekt, anders dan voor de consumenten- en arbeidsovereenkomsten (art. 97 WIPR); anders: Vlas, Rechtsvordering, Rechtsvordering, Verdragen & Verordeningen, suppl. 304 (juli 2006), p. A-a-278-282.
Art. 8 lid 3 sub b jo 6 sub c Rv.
Voor invoering van de 1PR Codex was de bescherming van consumenten geregeld in art. 624 GW. Deze bepaling stond een forumkeuze in consumentenovereenkomsten toe voor zover een rechter is aangewezen die volgens de algemene wettelijke relatieve bevoegdheidsregels competent is, zie Joustra, WPNR. 6121 (1993), p. 62.
De derde mogelijkheid is alleen van toepassing voor verzekerings- en consumentenovereenkomsten. De art. 13 sub 3 EEX-V°/12 sub 3 Verdrag (verzekeringsovereenkomsten) en 17 sub 3 EEX-V°/15 sub 3 Verdrag (consumentenovereenkomsten) houden in dat partijen (verzekeraar en verzekeringnemer c.q. wederpartij van de consument en de consument) een forum kunnen overeenkomen in een verzekeringsovereenkomst resp. consumentenovereenkomst, indien partijen beide in dezelfde EG-lidstaat resp. verdragsluitende staat hun woon- of gewone verblijfplaats hebben en zij de gerechten van die staat aanwijzen. Een voorwaarde is voorts dat het recht van de betrokken staat een zodanige forumkeuze toelaat.
Het kan derhalve gaan om een internationale of interne situatie in een EG-lidstaat c.q. verdragsluitende staat.1 Het doel van deze regel is de verzekeraar en de wederpartij van de consument te beschermen tegen een wijziging van de woonplaats of vaste verblijfplaats van de verzekeringnemer of de consument naar een andere staat.2 Deze bepaling is daarom voor de sterke partij voordelig in afwijking van de ratio van de Afdelingen 3 en 4.
Het gaat voor de verzekeringsovereenkomst bovendien om het uitsluiten van het forum delicti commissi: de verzekeringnemer kan zich niet wenden tot het gerecht van de plaats van het schadebrengende feit (art. 10 EEX-V°/9 Verdrag).3 Voor consumentenovereenkomsten is het gevolg dat partijen in de betrokken staat toch de mogelijkheid hebben een gerecht van 'hun' staat naar keuze bevoegd te doen zijn voor hun geschillen.
Het lijkt bij eerste lezing slechts te gaan om een interne situatie in één EG-lidstaat c.q. verdragsluitende staat. Art. 13 sub 3 EEX-V°/12 sub 3 Verdrag bepaalt echter uitdrukkelijk dat deze forumkeuze ook is toegelaten, indien het schadebrengende feit zich in het buitenland heeft voorgedaan of de verzekerde of begunstigde van de verzekeringsovereenkomst in het buitenland woonplaats heeft. Het schadebrengende feit is een grondslag voor bevoegdheid in de art. 10 en 11 lid 1 EEX-V°/9 en 10 lid 1 Verdrag.4 Juist de uitsluiting van de fora van art. 10 en 11 lid 1 EEX-V°/9 en 10 lid 1 Verdrag, die aanknopen bij de plaats van het schadebrengende feit, is het belang van dit artikel. Onder 'buitenland' dient ieder derde land te worden verstaan ongeacht of het een EG-lidstaat of verdragsluitende staat dan wel een derde staat is.
Voor het vaststellen van de woonplaats is beslissend het moment dat de forumkeuze tot stand komt.5 Dat blijkt uit de tekst van beide artikelen: ...op het tijdstip waarop de overeenkomst wordt gesloten.: . Het gaat derhalve niet om het moment dat de procedure of de tenuitvoerlegging begint. Wordt de forumkeuze later in een verzekerings- of consumentenovereenkomst opgenomen, dan is die datum beslissend.
Opvallend in de art. 13 sub 3 EEX-V°/12 sub 3 Verdrag en 17 sub 3 EEX-V°/15 sub 3 Verdrag is het uitsluitend gebruik van het meervoud 'gerechten' . Het is niet duidelijk waarom in deze bepaling niet de bewoordingen van art. 23 EEX-V°/17 Verdrag zijn aangehouden door te bepalen dat partijen 'een gerecht of de gerechten' kunnen aanwijzen. Mijns inziens dient aan het meervoud geen betekenis te worden toegekend en is op grond van deze bepalingen de aanwijzing van een (bepaald) gerecht van een EG-lidstaat c.q. verdragsluitende staat ook mogelijk.
Deze uitzondering — op de hoofdregel dat een forumkeuze niet mogelijk is in verzekerings- en consumentenovereenkomsten — zal zich vermoedelijk vaker voordoen dan de vorige uitzondering. De interne wet van een staat zal niet gauw een forumkeuze voor de gerechten van die staat zal verbieden of in ieder geval beperkt toelaten.6 Wel kan het interne recht een forumkeuze verbieden voor afwijking van de (interne) relatieve bevoegdheid, maar dat schakelt art. 13 sub 3 EEX-V°/12 sub 3 Verdrag c.q. 17 sub 3 EEX-V°/15 sub 3 Verdrag niet uit. Het interne recht dient uitdrukkelijk overeenkomsten tot aanwijzing van de bevoegde rechter in de zin van art. 13 lid 3 EEX-V°/12 lid 3 Verdrag c.q. 17 sub 3 EEX-V°/15 sub 3 Verdrag te verbieden. De strekking van de bepaling lijkt te zijn dat een forumkeuze is toegestaan, mits beide partijen in het land van het aangewezen gerecht hun woonplaats hebben. Aan het doorbreken van de partijautonomie dienen daarom mijns inziens strenge eisen te worden gesteld. Ik verwijs voorts naar de bovenstaande redenen voor verzekeraars en wederpartijen van consumenten om deze bepaling op te nemen.
De art. 13 sub 3 EEX-V°/12 sub 3 Verdrag en 17 sub 3 EEX-V°/15 sub 3 Verdrag zouden een lek kunnen zijn in de bescherming van de verzekeringnemer, verzekerde en begunstigde c.q. consument.7 Door de toevoeging dat het nationale recht een zodanige forumkeuze dient toe te laten, is de bescherming uiteindelijk grotendeels overgelaten aan het recht van de betrokken staat. Men zou deze regel kunnen beschouwen als een uitvloeisel van het beginsel van subsidiariteit. Het Hof van Justitie heeft het mogelijke lek echter ten dele gedicht door beslissen dat een forumkeuze ex art.
13 lid 3 EEX-V°/12 lid 3 Verdrag niet kan worden tegengeworpen aan de verzekerde en de begunstigde van een verzekeringsovereenkomst, omdat daardoor de bescherming van de verzekerde of begunstigde in gevaar zou komen. De verzekerde of begunstigde kan zich in dat geval niet langer wenden tot het gerecht van zijn woonplaats of de rechter van het schadebrengende feit.8 De verzekeraar zou een geding echter aanhangig kunnen maken voor het gerecht van zijn eigen woonplaats, zodat art. 13 sub 3 EEX-V°/12 sub 3 Verdrag ten opzichte van de verzekerde en begunstigde een forumkeuze ten gunste van de verzekeraar zou zijn.9
Het Belgische10 en Nederlandse recht11 staan aan een zodanige forumkeuze niet in de weg, behoudens in het Nederlandse recht het bepaalde in art. 108 Rv, maar dat beschouw ik als een regel van intern Nederlands recht over de relatieve bevoegdheid.
Voor de consumentenovereenkomst ligt de zaak anders. Art. 97 WIPR12 geeft voor consumentovereenkomsten een bescherming als art. 17 sub 1 EEX-V°/15 sub 1 Verdrag en staat in het derde lid slechts forumkeuzen ten nadele van de consument toe voor zover die na het ontstaan van het geschil zijn gesloten. De gewone regels van internationale bevoegdheid mogen derhalve naar Belgische recht in deze situatie niet worden doorbroken. Door de woorden in art. 97 lid 3 WIPR 'ten aanzien van de (.) consument' maakt de bepaling duidelijk dat het derde lid de bevoegdheid van de Belgische rechter krachtens art. 97 lid 1 WIPR onverlet laat ook als een forumkeuze ex art. 17 lid 3 EEX-V°/15 Verdrag zou bestaan.
Het Nederlandse (internationaal privaat)recht staat in een internationale situatie aan een forumkeuze in een consumentenovereenkomst in de weg, indien een forumkeuze aan de rechtsmacht van de Nederlandse rechter krachtens art. 6 aanhef en sub d Rv derogeert. Dit verbod tot derogatie aan de Nederlandse rechtsmacht volgt uit art. 8 lid 3 Rv, welke bepaling is ontleend aan art. 17 EEX-V°/15 Verdrag 13 Art. 6 aanhef en sub d Rv stelt enige voorwaarden voor rechtsmacht van de Nederlandse rechter in consumentenovereenkomsten en het verbod van art. 8 lid 3 sub b Rv geldt slechts voor zover art. 6 aanhef en sub d Rv van toepassing is.