BR 2018/81
De bestuursrechter behoort als regel niet over te gaan tot het opleggen van een last onder dwangsom of een last onder bestuursdwang. Uitgangspunt is dat de uitoefening van een handhavingsbevoegdheid berust bij het bestuursorgaan. Er bestaat in dit geval geen aanleiding om op dit uitgangspunt een uitzondering te maken.
RvS 08-08-2018, ECLI:NL:RVS:2018:2658, m.nt. N. Bouayad
- Instantie
Raad van State
- Datum
8 augustus 2018
- Magistraten
Mr. J. Hoekstra
- Zaaknummer
201709329/1/A1
- Noot
N. Bouayad
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- JCDI
JCDI:ADS36334:1
- Vakgebied(en)
Bestuursrecht algemeen / Handhaving algemeen
Omgevingsrecht / Handhaving
- Brondocumenten
ECLI:NL:RVS:2018:2658, Uitspraak, Raad van State, 08‑08‑2018
- Wetingang
(Art. 8:72 Awb)
Essentie
De bestuursrechter behoort als regel niet over te gaan tot het opleggen van een last onder dwangsom of een last onder bestuursdwang. Uitgangspunt is dat de uitoefening van een handhavingsbevoegdheid berust bij het bestuursorgaan. Er bestaat in dit geval geen aanleiding om op dit uitgangspunt een uitzondering te maken.
Samenvatting
Zoals de Afdeling eerder heeft overwogen in haar uitspraak van 17 april 2013, ECLI:NL:RVS:2013:BZ7783 behoort de bestuursrechter als regel niet krachtens artikel 8:72, derde lid, van de Awb over te gaan tot het opleggen van een last onder dwangsom of een last onder bestuursdwang. ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.