AB 2010/317
Boeterapport als grondslag van boetebeschikking. Zwijgrecht. Cautieplicht ook bij schriftelijk verhoor. Geen uitsluiting voor bewijs. Steunbewijs. Hoogte bestuurlijke boete. Ernst van de overtreding. Toepassing boetebeleidsregels bij zelf in de zaak voorzien.
CBb 02-02-2010, ECLI:NL:CBB:2010:BL5463, m.nt. O.J.D.M.L. Jansen
- Instantie
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Datum
2 februari 2010
- Magistraten
Mrs. C.M. Wolters, H.O. Kerkmeester, S.C. Stuldreher
- Zaaknummer
AWB 08/923
- Noot
O.J.D.M.L. Jansen
- LJN
BL5463
- JCDI
JCDI:ADS875143:1
- Vakgebied(en)
Internationaal publiekrecht / Mensenrechten
Bestuursrecht algemeen / Handhaving algemeen
Strafprocesrecht / Voorfase
Fiscaal procesrecht / Procesorde
Bestuursprocesrecht / Beroep
- Brondocumenten
ECLI:NL:CBB:2010:BL5463, Uitspraak, College van Beroep voor het bedrijfsleven, 02‑02‑2010
- Wetingang
Essentie
Boeterapport als grondslag van boetebeschikking. Zwijgrecht. Cautieplicht ook bij schriftelijk verhoor. Geen uitsluiting voor bewijs. Steunbewijs. Hoogte bestuurlijke boete. Ernst van de overtreding. Toepassing boetebeleidsregels bij zelf in de zaak voorzien.
Samenvatting
Een boetebeschikking mag geen betrekking hebben op overtredingen, die niet reeds ondubbelzinnig en eenduidig als zodanig zijn geconstateerd in het aan een dergelijke beschikking ten grondslag gelegde boeterapport. Mede gelet op de eisen van artikel 6 EVRM mag het rapport er voor de belanghebbende die ervan wordt beschuldigd een met een strafrechtelijke sanctie bedreigde overtreding te hebben begaan, geen enkele twijfel over laten bestaan ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.