NJ 1948/114
Successierecht ter zake van verkrijging krachtens levensverzekering. Is voor de verkrijging niets aan het vermogen van den overledene onttrokken?
HR 07-01-1948, ECLI:NL:HR:1948:31
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
7 januari 1948
- Magistraten
Mrs. van den Dries, Meckmann, Sinninghe Damsté, Boltjes en de Jong
- Zaaknummer
[07011948/NJ_1948-114]
- Conclusie
Mr. Wijnveldt
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- Vakgebied(en)
Schenk- en erfbelasting (V)
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:1948:31, Uitspraak, Hoge Raad, 07‑01‑1948
- Wetingang
(SW 1859 art. 84.)
Essentie
Successierecht ter zake van verkrijging krachtens levensverzekering. Is voor de verkrijging niets aan het vermogen van den overledene onttrokken?
Samenvatting
Het is redelijk, dat bij de beoordeling ingevolge art. 84, lid 1, Successiewet, of voor de verkrijging iets aan het vermogen van den overledene is onttrokken, mede gelet wordt op hetgeen bij tussentijdse overdracht van de rechten uit de polis in het vermogen van den overledene is teruggevloeid.
Partij(en)
De Ontvanger der Registratie en Successie te Utrecht, eiser tot cassatie van een tussen hem en na te melden verweerster in cassatie gewezen arrest van het Gerechtshof te ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.