RBP 2024/99
Verjaring. Welke verjaringstermijn geldt ten aanzien van een aansluitende procedure strekkende tot schadevergoeding die volgt op een collectieve actie waarin een verklaring voor recht is toegewezen?
HR 27-09-2024, ECLI:NL:HR:2024:1311
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
27 september 2024
- Magistraten
Mrs. G. de Groot, H.M. Wattendorff, A.E.B. ter Heide, S.J. Schaafsma, K. Teuben
- Zaaknummer
23/01980
- Conclusie
P-G mr. M.H. Wissink
- JCDI
JCDI:ADS994946:1
- Vakgebied(en)
Burgerlijk procesrecht / Algemeen
Vermogensrecht / Rechtsvorderingen
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2024:1311, Uitspraak, Hoge Raad, 27‑09‑2024
ECLI:NL:PHR:2024:262, Conclusie, Hoge Raad (Parket), 08‑03‑2024
Beroepschrift, Hoge Raad, 10‑11‑2023
- Wetingang
Art. 3:305a, 3:310, 3:316, 3:319, 3:324 BW
Essentie
Verjaringstermijn. Collectieve actie. Vervolgprocedure strekkende tot schadevergoeding.
Welke verjaringstermijn geldt ten aanzien van een aansluitende procedure strekkende tot schadevergoeding die volgt op een collectieve actie waarin een verklaring voor recht is toegewezen?
Samenvatting
In 2005 is de Vereniging Consument en Geldzaken (“VCG”) een collectieve procedure gestart op grond van art. 3:305a (oud) BW tegen eiseres in cassatie in onderhavige procedure (“Groeivermogen”). In de collectieve procedure heeft het hof voor recht verklaard dat Groeivermogen onrechtmatig heeft gehandeld bij het aangaan van bepaalde door haar aangeboden effectenleaseproducten. In onderhavige individuele procedure die volgt en aansluit op voornoemde ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.