V-N 2020/54.8
Eigen woning naar box 3 door tijdelijke tbs aan dochter
HR 23-10-2020, ECLI:NL:HR:2020:1667, m.nt. Redactie Vakstudie Nieuws
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
23 oktober 2020
- Magistraten
Fierstra, Wortel, Beukers-van Dooren
- Zaaknummer
19/05223
- Noot
Redactie Vakstudie Nieuws
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- JCDI
JCDI:ADS237701:1
- Vakgebied(en)
Inkomstenbelasting / Eigen woning
Inkomstenbelasting / Vermogensrendementsheffing (box 3)
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2020:1667, Uitspraak, Hoge Raad, 23‑10‑2020
ECLI:NL:PHR:2020:704, Conclusie, Hoge Raad (Parket), 17‑07‑2020
Beroepschrift, Hoge Raad, 21‑12‑2019
- Wetingang
art. 3.111 lid 6 Wet IB 2001
Essentie
De Hoge Raad oordeelt dat de opvatting van het hof dat de dochter bij haar terugkeer in de woning in 2014 niet opnieuw deel ging uitmaken van het huishouden van X, is gebaseerd op de aan het hof voorbehouden waardering van de feiten.
Samenvatting
X is sinds 2011 uitgezonden naar het buitenland. Zijn echtgenote woonde tot 2014 in hun woning in Nederland. Vanaf 2014 woont zij ook in het buitenland. Hun sinds 2010 uitwonende studerende dochter neemt tijdelijk haar intrek in de woning van 10 maart 2014 tot en met 7 mei 2014, in afwachting van een stage ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.