NJ 2025/9
Tussenarrest. Uitlevering. Van nadere zitting geen proces-verbaal opgemaakt. Sprake van bijzonder geval waarbij de Hoge Raad de rechtbank in de gelegenheid stelt alsnog een proces-verbaal van behandeling van het uitleveringsverzoek op te maken.
HR 01-10-2024, ECLI:NL:HR:2024:1343, m.nt. N. Jörg
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
1 oktober 2024
- Magistraten
Mrs. M.J. Borgers, T. Kooijmans, F. Posthumus
- Zaaknummer
22/03005 U
- Conclusie
A-G mr. D.J.M.W. Paridaens
- Noot
N. Jörg
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- JCDI
JCDI:ADS994922:1
- Vakgebied(en)
Internationaal strafrecht / Uitlevering en overlevering
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2024:1343, Uitspraak, Hoge Raad, 01‑10‑2024
ECLI:NL:PHR:2024:685, Conclusie, Hoge Raad (Parket), 25‑06‑2024
Beroepschrift, Hoge Raad, 12‑08‑2022
- Wetingang
Art. 326 lid 1 Sv; art. 26 lid 2, art. 29 lid 1 Uitleveringswet; art. 83 Wet op de rechterlijke organisatie; art. 4.3.6.3 Procesreglement Hoge Raad der Nederlanden
Essentie
Tussenarrest. Uitlevering. Van de behandeling van het uitleveringsverzoek op de nadere zitting van 15 juni 2022 is geen proces-verbaal opgemaakt. In casu doet zich een bijzonder geval voor waarbij de Hoge Raad aanleiding vindt om de rechtbank in de gelegenheid te stellen het proces-verbaal van de behandeling van het uitleveringsverzoek van 15 juni 2022 in overeenstemming met de wettelijke eisen op te maken.
Samenvatting
Bij de stukken bevindt zich het proces-verbaal van de behandeling van het uitleveringsverzoek van 20 oktober 2020, inhoudende dat de behandeling is aangehouden om navraag te doen naar stukken van de Turkse autoriteiten. Het ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.