V-N 2022/45.3
Waardestijging grond in beginsel niet relevant bij afschrijving erfpachtrecht
HR 14-10-2022, ECLI:NL:HR:2022:1448, m.nt. Redactie Vakstudie Nieuws
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
14 oktober 2022
- Magistraten
Fierstra, Faase, Van Eijsden
- Zaaknummer
20/03252
- Noot
Redactie Vakstudie Nieuws
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- JCDI
JCDI:ADS673410:1
- Vakgebied(en)
Inkomstenbelasting / Winst
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2022:1448, Uitspraak, Hoge Raad, 14‑10‑2022
Beroepschrift, Hoge Raad, 14‑10‑2022
- Wetingang
art. 3.25 Wet IB 2001
Essentie
De Hoge Raad oordeelt dat goed koopmansgebruik niet vereist dat bij de bepaling van de restwaarde rekening wordt gehouden met wellicht waarschijnlijke, maar nog niet zekere toekomstige waardestijgingen van een bedrijfsmiddel.
Samenvatting
X exploiteert een akkerbouwbedrijf. Tot zijn ondernemingsvermogen behoren erfpachtrechten die eigendom zijn van verzekeringsmaatschappijen. X kan de gronden bij het einde van de erfpachtperiode opnieuw in erfpacht krijgen dan wel kopen tegen een koopsom van 85% van de dan geldende vrije marktwaarde. Niet in geschil is de vaststelling van Hof Arnhem-Leeuwarden dat elk van de erfpachtrechten, met inbegrip van het terugkooprecht, een afzonderlijk bedrijfsmiddel vormt. In ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.