Rb. Den Haag, 08-11-2023, nr. 22, 5649
ECLI:NL:RBDHA:2023:21764
- Instantie
Rechtbank Den Haag
- Datum
08-11-2023
- Zaaknummer
22_5649
- Vakgebied(en)
Belastingrecht algemeen (V)
- Brondocumenten en formele relaties
ECLI:NL:RBDHA:2023:21764, Uitspraak, Rechtbank Den Haag, 08‑11‑2023; (Eerste aanleg - enkelvoudig)
- Vindplaatsen
Uitspraak 08‑11‑2023
Inhoudsindicatie
Het beroep ziet op de aan eiser opgelegde naheffingsaanslag parkeerbelasting. Naar het oordeel van de rechtbank is de onjuiste locatieaanduiding op de naheffingsaanslag geen aanleiding om de naheffingsaanslag te vernietigen. Het was eiser voldoende duidelijk op welk parkeren de naheffingsaanslag betrekking had. Op deze locatie was eisers parkeervergunning niet geldt, zodat de naheffingsaanslag terecht is opgelegd. Beroep ongegrond.
Rechtbank DEN HAAG
Team belastingrecht
zaaknummer: SGR 22/5649
proces-verbaal van de mondelinge uitspraak van de enkelvoudige kamer van
8 november 2023 in de zaak tussen
[eiser], wonende te [woonplaats], eiser(gemachtigde: mr. A.H. Vermeulen),
en
de heffingsambtenaar van de gemeente Den Haag, verweerder.
De bestreden uitspraak op bezwaar
De uitspraak van verweerder van 9 augustus 2022 op het bezwaar van eiser tegen de aan eiser opgelegde naheffingsaanslag parkeerbelasting.
Zitting
Het onderzoek ter zitting heeft plaatsgevonden op 25 oktober 2023.
Eiser is verschenen, bijgestaan door zijn gemachtigde. Verweerder heeft zich laten vertegenwoordigen door [naam].
Beslissing
De rechtbank verklaart het beroep ongegrond.
Overwegingen
1. Op 21 juni 2022 om 9.42 uur stond de auto van eiser met kenteken [kenteken] geparkeerd aan de Kneuterdijk te Den Haag. Deze locatie is door burgemeester en wethouders van de gemeente Den Haag aangewezen als een plaats waar mag worden geparkeerd tegen betaling van parkeerbelasting of met een geldige parkeervergunning.
2. Tijdens een controle op bovengenoemde datum en tijdstip is geconstateerd dat geen parkeerbelasting was voldaan dan wel geparkeerd was zonder geldige parkeervergunning. Naar aanleiding daarvan is aan eiser een naheffingsaanslag opgelegd van € 71,50, bestaande uit € 5,00 parkeerbelasting en € 66,50 aan kosten van de naheffingsaanslag. Op de naheffingsaanslag staat als parkeerlocatie vermeld Hoge Nieuwstraat 2.
3. In geschil is of de naheffingsaanslag moet worden vernietigd omdat de parkeerlocatie niet correct op het aanslagbiljet staat. Niet in geschil is dat eisers parkeervergunning niet geldig is op de parkeerlocatie en de op de aanslag vermelde locatie.
4. Naar het oordeel van de rechtbank is de onjuiste locatieaanduiding op de naheffingsaanslag geen aanleiding om de naheffingsaanslag te vernietigen (vgl. r.o. 4.5 van de uitspraak van Gerechtshof ’s-Hertogenbosch van 16 november 20221.). Het was eiser voldoende duidelijk op welk parkeren de naheffingsaanslag betrekking had. Dit blijkt ook duidelijk uit de door verweerder overlegde scanfoto’s. Op deze locatie was eisers parkeervergunning niet geldig, zodat de naheffingsaanslag terecht is opgelegd.
5. Gelet op wat hiervoor is overwogen is het beroep ongegrond.
6. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.
Deze uitspraak is gedaan door mr. S.E. Postema, rechter, in aanwezigheid van E. Isaku, griffier. De beslissing is in het openbaar uitgesproken op 8 november 2023.
griffier rechter
Afschrift verzonden aan partijen op:
Rechtsmiddel
Tegen deze uitspraak kunnen partijen binnen zes weken na de verzenddatum hoger beroep instellen bij het gerechtshof Den Haag (team belastingrecht).
Dat kan digitaal via www.rechtspraak.nl, daar klikt u op “Formulieren en inloggen”. Hoger beroep instellen kan ook door verzending van een brief aan het gerechtshof Den Haag (belastingkamer), Postbus 20302, 2500 EH Den Haag.
Bij het instellen van het hoger beroep dient het volgende in acht te worden genomen:
1 - bij het hogerberoepschrift wordt een afschrift van deze uitspraak overgelegd;
2 - het hogerberoepschrift is, indien het op papier wordt ingediend, ondertekend.
Verder vermeldt u ten minste het volgende:
a. de naam en het adres van de indiener;
b. de datum van verzending;
c. een omschrijving van de uitspraak waartegen het hoger beroep is ingesteld;
d. de redenen waarom u het niet eens bent met de uitspraak (de gronden van het hoger beroep).
Voetnoten
Voetnoten Uitspraak 08‑11‑2023