GS Verbintenissenrecht, art. 6:219 BW, aant. 95:95 Vrijblijvend aanbod als uitnodiging tot het doen van een aanbod (of uitnodiging om in onderhandeling te treden). In welke gevallen?
GS Verbintenissenrecht, art. 6:219 BW, aant. 95
95 Vrijblijvend aanbod als uitnodiging tot het doen van een aanbod (of uitnodiging om in onderhandeling te treden). In welke gevallen?
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Documentgegevens:
mr. J. den Hoed voorheen bewerkt door mr. Y.G. Blei Weissmann, actueel t/m 01-11-2022
Actueel t/m
01-11-2022
Tijdvak
01-01-1992 tot: -
Auteur
mr. J. den Hoed voorheen bewerkt door mr. Y.G. Blei Weissmann
Het navolgende wordt in het kader van de bespreking van art. 6:219 lid 2, tweede zin BW aan de orde gesteld.
Onder vigeur van het huidig recht kan een vrijblijvend aanbod, in de zin van art. 6:219 lid 2 BW, niet als een uitnodiging tot het doen van een aanbod of uitnodiging om in onderhandeling te treden worden geduid. In uitgangspunt geldt immers art. 6:219 lid 2, tweede zin BW, waardoor een vrijblijvend aanbod, naar althans vrij algemeen wordt aangenomen, een andere, en zwaardere status wordt toebedeeld dan die van een enkele uitnodiging ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
GS Verbintenissenrecht, art. 6:219 BW, aant. 95
95 Vrijblijvend aanbod als uitnodiging tot het doen van een aanbod (of uitnodiging om in onderhandeling te treden). In welke gevallen?
mr. J. den Hoed voorheen bewerkt door mr. Y.G. Blei Weissmann, actueel t/m 01-11-2022
01-11-2022
01-01-1992 tot: -
mr. J. den Hoed voorheen bewerkt door mr. Y.G. Blei Weissmann
GS Verbintenissenrecht, art. 6:219 BW, aant. 95
Verbintenissenrecht / Overeenkomst
herroeping aanbod
Burgerlijk Wetboek Boek 6 artikel 219
Het navolgende wordt in het kader van de bespreking van art. 6:219 lid 2, tweede zin BW aan de orde gesteld.
Onder vigeur van het huidig recht kan een vrijblijvend aanbod, in de zin van art. 6:219 lid 2 BW, niet als een uitnodiging tot het doen van een aanbod of uitnodiging om in onderhandeling te treden worden geduid. In uitgangspunt geldt immers art. 6:219 lid 2, tweede zin BW, waardoor een vrijblijvend aanbod, naar althans vrij algemeen wordt aangenomen, een andere, en zwaardere status wordt toebedeeld dan die van een enkele uitnodiging ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.