NJ 1921, p. 844
HR, 24-03-1921
HR 24-03-1921, ECLI:NL:HR:1921:34
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
24 maart 1921
- Magistraten
Voorzitter: Mr. S. Gratama. Raden: Mrs. B. C. J. Loder, J. A. A. Bosch, Jhr. Rh. Feith en J. Kosters.
- Zaaknummer
[24031921/NJ_1921,_p._844]
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- Vakgebied(en)
Burgerlijk procesrecht (V)
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:1921:34, Uitspraak, Hoge Raad, 24‑03‑1921
- Wetingang
(Rv art. 398-429.)
Samenvatting
De beslissing omtrent de houding der partijen, gelijk deze in het bestreden arrest is vastgelegd, is feitelijk. Daartegen wordt in cassatie vruchteloos gestreden.
Partij(en)
J. M. Cohen, wonende te Rotterdam, eischer tot cassatie van de op 23 April 1920 en 18 Juni 1920 tusschen partijen gewezen arresten van het Hof te ‘s Gravenhage, advocaat Mr. A. F. Telders, gepleit door Mr. J. H. Telders,
tegen:
A. M. Cohen, mede wonende te Rotterdam, verweerder, advocaat Mr. J. H. W. Q. ter Spill.
Uitspraak
[ p. 845 ►]
De Hooge Raad, enz.;
O., dat uit de bestreden arresten en ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.