V-N 2020/26.22
Kostenveroordeling belanghebbende wegens kennelijk onredelijk gebruik procesrecht
HR 24-04-2020, ECLI:NL:HR:2020:794, m.nt. Redactie Vakstudie Nieuws
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
24 april 2020
- Magistraten
Wortel, Beukers-van Dooren, Cools
- Zaaknummer
19/04477
- Noot
Redactie Vakstudie Nieuws
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- JCDI
JCDI:ADS202403:1
- Vakgebied(en)
Fiscaal procesrecht / Proceskostenvergoeding
Fiscaal bestuursrecht / Fraus legis en richtige heffing
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2020:794, Uitspraak, Hoge Raad, 24‑04‑2020
- Wetingang
art. 8:75 lid 1 Awb
Essentie
Hof Arnhem-Leeuwarden veroordeelt X in de reiskosten van de heffingsambtenaar, wegens kennelijk onredelijk gebruik van procesrecht. De Hoge Raad verklaart het beroep in cassatie niet-ontvankelijk omdat de aangevoerde klachten geen behandeling in cassatie rechtvaardigen (art. 80a Wet RO).
Samenvatting
De heffingsambtenaar stelt de WOZ-waarde van de woning en de garage van X vast voor belastingjaar 2017. X komt in beroep en doet een verzoek tot wraking van de rechters. Dit verzoek wordt afgewezen. X komt in hoger beroep en doet een verzoek tot wraking van de leden van het hof. Ook dit verzoek wordt afgewezen. X ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.