Procesrecht in arbeidszaken
Einde inhoudsopgave
Procesrecht in arbeidszaken (MSR nr. 88) 2024/3.1.3:3.1.3 Wat moet worden verstaan onder ‘woonplaats’?
Procesrecht in arbeidszaken (MSR nr. 88) 2024/3.1.3
3.1.3 Wat moet worden verstaan onder ‘woonplaats’?
Documentgegevens:
Wim Wetzels, datum 30-04-2024
- Datum
30-04-2024
- Auteur
Wim Wetzels
- JCDI
JCDI:ADS982137:1
- Vakgebied(en)
Arbeidsrecht (V)
Burgerlijk procesrecht (V)
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
De vraag waar de gedaagde c.q. verweerder woonplaats heeft moet worden beantwoord aan de hand van het bepaalde in art. 1:10-1:15 BW. Die artikelen geven een nadere uitwerking van het begrip ‘woonplaats’. Art. 1:10 lid 1 BW bepaalt dat de woonplaats van een natuurlijk persoon zich bevindt te zijner woonstede, en bij gebreke van een woonstede ter plaatse van zijn werkelijk verblijf. Een natuurlijk persoon heeft zijn woonplaats meestal daar waar hij gewoonlijk ’s nachts slaapt.1 Volgens vaste rechtspraak2 wordt onder ‘woonstede’ verstaan de plaats waar iemand naar maatschappelijke opvattingen woont, zijn zaken behartigt, voor het rechtsverkeer steeds bereikbaar ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.