NJF 2016/234
Effectenlease. Eindvonnis na HR 9 oktober 2015 (prejudiciële vraag). Stuiting verjaring.
Rb. Den Haag 16-03-2016, ECLI:NL:RBDHA:2016:3175
- Instantie
Rechtbank Den Haag
- Datum
16 maart 2016
- Magistraten
Mr. F.P.L.M. Vennix
- Zaaknummer
3890518 / CV EXPL 15-1058
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- Vakgebied(en)
Financieel recht / Bank- en effectenrecht
Vermogensrecht / Rechtsvorderingen
- Brondocumenten
ECLI:NL:RBDHA:2016:3175, Uitspraak, Rechtbank Den Haag, 16‑03‑2016
- Wetingang
Art. 3:316 BW
Essentie
Effectenlease. Eindvonnis na HR 9 oktober 2015 (prejudiciële vraag). Stuiting verjaring.
Samenvatting
Aan geschillen dient een einde te komen (lites finiri oportet). Met dit eindvonnis in deze al lang lopende zaak is dat misschien het geval. Hier spitst het geschil zich (nog steeds) toe op de vraag of de vordering verjaard is. De verjaring is alleen gestuit indien binnen zes maanden nadat de collectieve vordering in de zin van artikel 3:305a BW is geëindigd een nieuwe eis is ingesteld, dan wel een daarmee gelijk te stellen buitengerechtelijke verklaring tot vernietiging is afgelegd (ECLI:NL:HR:2015:3018, r.o. 3.5.2 ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.