Stil pandrecht op vorderingen op naam
Einde inhoudsopgave
Stil pandrecht op vorderingen op naam (O&R nr. 43) 2007/450:450 Een parallel met de inningsbevoegdheid van de pandhouder
Stil pandrecht op vorderingen op naam (O&R nr. 43) 2007/450
450 Een parallel met de inningsbevoegdheid van de pandhouder
Documentgegevens:
mr. ing. A.J. Verdaas, datum 01-10-2007
- Datum
01-10-2007
- Auteur
mr. ing. A.J. Verdaas
- JCDI
JCDI:BSD46143:1
- Vakgebied(en)
Insolventierecht / Faillissement
Goederenrecht / Zekerheidsrechten
Verbintenissenrecht / Overeenkomst
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
De cessionaris van een stil tot zekerheid overgedragen vordering is bevoegd om mededeling van de cessie te doen aan de debiteur van de vordering. Deze bevoegdheid heeft de cessionaris ongeacht of de cedent jegens hem in verzuim is of hem goede grond geeft te vrezen dat hij in verzuim zal geraken. Na mededeling van de cessie aan de debiteur is de cessionaris bevoegd om de vordering te innen.
De cedent en de cessionaris kunnen overeenkomen dat de cessionaris geen mededeling van de cessie zal doen zolang bepaalde voorwaarden niet vervuld zijn, zoals de voorwaarde dat de cedent jegens de cessionaris tekortschiet of de voorwaarde dat de vordering van de cessionaris op de cedent opeisbaar is.1 Waren de cedent en de cessionaris niet uitdrukkelijk overeengekomen dat de bevoegdheid van de cessionaris om mededeling van de cessie te doen inging op dat tijdstip, dan werd onder het oude recht, gelet op het bedoelde zekerheidskarakter van de cessie, aangenomen dat de cedent en de cessionaris zulks stilzwijgend waren overeengekomen.
Voor een stil pandhouder geldt dat hij tot mededeling van het pandrecht aan de schuldenaar bevoegd is (en daardoor tot inning van de vordering bevoegd wordt2), indien de pandgever jegens de pandhouder tekortschiet of hem goede grond geeft te vrezen dat hij tekort zal schieten. De pandgever en de pandhouder kunnen overeenkomen dat deze bevoegdheid van de pandhouder op een ander tijdstip ingaat.3
Zowel de pandgever en de pandhouder als de cedent en de cessionaris kunnen derhalve overeenkomen op welk tijdstip de stil pandhouder, respectievelijk de stille cessionaris, bevoegd word om zichzelf inningsbevoegd te maken door mededeling te doen van de verpanding of de cessie. Zijn de cedent en de cessionaris in geval van een stille zekerheidscessie daaromtrent niets overeengekomen, dan ligt het voor het huidige recht voor de hand aan te sluiten bij de voor het stil pandrecht geldende regeling. Tussen de cedent en de cessionaris geldt dan, tenzij zij anders zijn overeengekomen, dat de bevoegdheid van de cessionaris om mededeling van de cessie te doen, ingaat op het tijdstip waarop de cedent jegens de cessionaris tekortschiet of hem goede grond geeft te vrezen dat hij tekort zal schieten.