Einde inhoudsopgave
Stil pandrecht op vorderingen op naam (O&R nr. 43) 2007/298
298 Wettelijke grondslag vereist
mr. ing. A.J. Verdaas, datum 10-03-2026
- Datum
10-03-2026
- Auteur
mr. ing. A.J. Verdaas
- JCDI
JCDI:BSD49167:1
- Vakgebied(en)
Insolventierecht / Faillissement
Goederenrecht / Zekerheidsrechten
Verbintenissenrecht / Overeenkomst
Voetnoten
Voetnoten
Vgl. Kleijn in nr. 1 van zijn noot onder HR 9 januari 1998, NJ 1999, 285 (MeesPierson/Bos) en Sagaert 2003, nr. 110 en 116-117.
Vgl. art. 3:213 BW en HR 9 januari 1998, NJ 1999, 285 m.nt. WMK (MeesPierson/Bos).
Vgl. Sagaert 2003, nr. 63-64.
Vgl. Parl. Gesch. Boek 3, p. 310, Parl. Gesch. Boek 5, p. 2-3 en 12-15, Asser/Mijnssen/De Haan/Van Dam 3-I 2006, nr. 39, Snijders/Rank-Berenschot 2007, nr. 78 en 455 en Struycken 2007, in het bijzonder p. 11-73 en 92-119. Dat het goederenrecht een gesloten systeem is, blijkt ook uit art. 3:81 BW: in lid 1 van dat artikel is bepaald dat uitsluitend de in de wet genoemde beperkte rechten kunnen worden gevestigd; aldus ook Struycken 2007, p. 12. Met Struycken 2007, p. 63 en 73, meen ik dat de geslotenheid van het goederenrecht door de Hoge Raad is bevestigd in zijn arrest van 19 mei 1995, NJ 1996, 119 m.nt. WMK (Keereweer q.q./Sogelease). Aan het feit dat de Hoge Raad in het Sogelease-arrest verwijst naar het gesloten stelsel van het zakenrecht en niet naar het gesloten stelsel van het goederenrecht lijkt geen bijzondere betekenis gehecht te mogen worden; in dezelfde zin Struycken 2007, p. 63.
Zo ook HR 17 februari 1995, NJ 1996, 471 m.nt. WMK (Mulder q.q./CLBN) en Pitlo/Reehuis/Heisterkamp 2006, nr. 756.
Het beginsel dat ongerechtvaardigde vermogensverschuiving voorkomen dan wel gecorrigeerd moet worden, geldt in vele rechtsstelsels, in ieder geval in de Europese. Omdat het op dit beginsel gebaseerd is, lijkt substitutie zich te ontwikkelen tot een ruime toepassing, die niet beperkt blijft tot aan zekerheidsrechten onderworpen goederen.1 Substitutie kan zich bijvoorbeeld ook voordoen bij goederen waarop een recht van vruchtgebruik rust.2 Aan de beschermingsfunctie van substitutie draagt in belangrijke mate bij dat deze figuur, anders dan de verbintenisrechtelijke actie uit ongerechtvaardigde verrijking, preventief, van rechtswege werkt.3 Voor het Nederlandse recht met zijn gesloten systeem van goederenrechtelijke rechten4 is niet aannemelijk, en ook niet wenselijk, dat substitutie ook zonder wettelijke grondslag mogelijk is of zou moeten worden.5 Naar geldend recht blijft substitutie van verpande vorderingen beperkt tot de in art. 3:229 lid 1 BW bedoelde vorderingen tot vergoeding of waardevermindering en de in art. 3:246 lid 5 BW bedoelde substitutie na inning van verpande vorderingen.