Stil pandrecht op vorderingen op naam
Einde inhoudsopgave
Stil pandrecht op vorderingen op naam (O&R nr. 43) 2007/123:123 Onderscheid tussen het recht op en het resultaat van de prestatie
Stil pandrecht op vorderingen op naam (O&R nr. 43) 2007/123
123 Onderscheid tussen het recht op en het resultaat van de prestatie
Documentgegevens:
mr. ing. A.J. Verdaas, datum 30-07-2025
- Datum
30-07-2025
- Auteur
mr. ing. A.J. Verdaas
- JCDI
JCDI:BSD19230:1
- Vakgebied(en)
Insolventierecht / Faillissement
Goederenrecht / Zekerheidsrechten
Verbintenissenrecht / Overeenkomst
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Anders Wiarda 1937, p. 94, die stelt dat de schuldeiser een persoonlijk recht op de zaak heeft.
Vgl. Ginossar 1960, p. 27 en 33.
Vgl. HR 17 november 1967, NJ 1968, 42 m.nt. GJS (Pos/Van den Bosch).
Het voorbeeld ontleen ik aan Kortmann 1973, p. 433, met dien verstande dat Kortmann geen Isaac Israels maar een Jan Steen opvoerde.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Dit recht op de prestatie moet worden onderscheiden van hetgeen waartoe de prestatie leidt. Komen twee partijen overdracht van een zaak overeen, dan is de prestatie het door de schuldenaar als beschikkingsbevoegde leveren van de zaak. Het recht op die prestatie is het vorderingsrecht van de schuldeiser jegens de schuldenaar. De schuldeiser heeft geen recht op de zaak zelf, maar ‘slechts’ een vorderingsrecht tot levering van die zaak jegens de schuldenaar, dat als alles goed gaat leidt tot overdracht van die zaak aan de schuldeiser, dus tot verkrijging van eigendom van die zaak door de schuldeiser. De schuldeiser heeft, zolang de zaak niet aan hem geleverd is, derhalve geen rechtsbetrekking tot deze zaak.1 Die krijgt hij eerst op het moment waarop wordt gepresteerd, als hij doordat de schuldenaar presteert eigenaar wordt van de zaak.
Bestaat het recht op de prestatie uit een vordering tot levering, voortvloeiend uit een koopovereenkomst, van het schilderij Meisje op ezel, dan is dit recht op levering het exclusieve recht van de schuldeiser. Dit recht op levering kan er weliswaar toe leiden dat de schuldeiser de eigendom van het schilderij verkrijgt, maar de schuldeiser van het recht op levering heeft (nog) geen op het schilderij rustend recht.2 Verkrijgt een ander dan de schuldeiser van die vordering een ander recht op levering, bijvoorbeeld door eveneens een koopovereenkomst te sluiten, dan tast noch het sluiten van deze koopovereenkomst, noch de uitoefening van dit andere recht op levering het goederenrechtelijke recht op levering van de eerste koper aan. Het recht op levering van de eerste koper wordt door het sluiten van de tweede koopovereenkomst of de levering aan de tweede koper als zodanig niet aangetast; het blijft onverkort bestaan. Mogelijk plegen de verkoper en de tweede koper wel een onrechtmatige daad jegens de eerste koper en kan een passende schadevergoeding, als het schilderij inmiddels geleverd is aan de tweede koper, bestaan uit overdracht van het schilderij door de tweede koper aan de eerste koper.3 Weet een ander dan de eerste koper echter te bewerkstelligen dat het schilderij aan hem wordt geleverd tot nakoming van het recht op levering van de eerste koper, doordat hij zich voordoet als de eerste koper, dan pleegt hij inbreuk op het exclusieve recht van de schuldeiser van dat recht op levering, de eerste koper.4