Einde inhoudsopgave
De eenzijdige rechtshandeling (O&R nr. 89) 2016/2.3.10
2.3.10 Uitoefening van wilsrechten
C. Spierings, datum 06-02-2016
- Datum
06-02-2016
- Auteur
C. Spierings
- JCDI
JCDI:ADS376761:1
- Vakgebied(en)
Vermogensrecht / Rechtshandelingen
Voetnoten
Voetnoten
Suijling 1948, p. 104.
Rupke 1914, p. 38 en 41; Pitlo/Reehuis & Heisterkamp 2012, nr. 102.
Groene Serie Vermogensrecht, art. 3:83 BW, aant. 51, G.J.L. Bergervoet; Pitlo/Reehuis & Heisterkamp 2012, nr. 102.
Een wilsrecht in algemene voorwaarden tot eenzijdige wijziging van contractuele voorwaarden kan onredelijk bezwarend zijn. Zie bijv. Rb Amsterdam 11 november 2015, ECLI:NL:RBAMS:2015:7848 ten aanzien van de bevoegdheid voor ABN AMRO om eenzijdig te renteopslag van een EURIBOR-hypotheek te wijzigen.
W. Snijders karakteriseert bijvoorbeeld inbezitneming, de inschrijving van een leveringsakte in de zin van art. 3:89 lid 1 laatste zin BW en wegnemingsrechten zoals in art. 3:123 BW als wilsrechten, zie W. Snijders 1999 I.
Zie HR 19 december 2014, ECLI:NL:HR:2014:3650 waarin overwogen werd dat het beroep op nietigheid van de overeenkomst wegens strijd met de goede zeden in strijd kan zijn met de redelijkheid en billijkheid.
34. Het begrip wilsrecht is afgeleid van de Gestaltungsrechte uit het Duitse recht. Het begrip is niet duidelijk afgebakend. Suijling heeft het wilsrecht gekenschetst als een recht tot rechtsvorming.1 Kenmerkend is dat een wilsrecht de bevoegdheid verschaft aan de gerechtigde om door een eenzijdige wilsverklaring een nieuwe rechtstoestand tot stand te brengen.2 Het uitoefenen van bepaalde wilsrechten, zoals optierechten, kan tot gevolg hebben dat een vorderingsrecht of een recht op een goed in het leven wordt geroepen. Het wilsrecht wordt dan aangemerkt als een (overdraagbaar) goed.3 Het wilsrecht kan contractueel zijn toegekend.4
Het uitoefenen van een wilsrecht kan een eenzijdige rechtshandeling zijn. Met de wilsverklaring beoogt de gerechtigde zijn of iemands anders rechtspositie te veranderen. Een aantal figuren die in de literatuur worden aangemerkt als wilsrecht, kennen echter een sterk feitelijk karakter.5 In par. 2.4. ga ik uitgebreid in op een aantal specifieke gevallen van eenzijdige uitoefening van wilsrechten, zoals ontbinding, vernietiging, opzegging en verrekening. Er zijn talrijke voorbeelden in het BW van eenzijdige wilsverklaringen waarmee een contractueel of wettelijke toegekende bevoegdheid wordt uitgeoefend. Ik noem hier ontbinding, vernietiging, opzegging en verrekening, figuren waar ik hierna nog nader op zal ingaan. Eveneens wilsrechten zijn bijvoorbeeld de verklaring waarmee de schuldeiser zijn vordering tot nakoming kan omzetten in een vordering tot schadevergoeding van art. 6:87 BW; de aanwijzing van een volmachtgever in de zin van art. 3:67 lid 1 BW; het uitoefenen van een opschortingsbevoegdheid; het inroepen van nietigheid van een overeenkomst6; het uitbrengen van een keuze voor één alternatieve verbintenis in de zin van art. 6:17 jo. 6:18 BW; de aanwijzing van een begunstigde van een verzekering ex art. 7:188 of art. 7:966 BW en het uitoefenen van een renteherzieningsrecht.