Stil pandrecht op vorderingen op naam
Einde inhoudsopgave
Stil pandrecht op vorderingen op naam (O&R nr. 43) 2007/459:459 Aanbevelingen aan de wetgever inzake zekerheidscessie
Stil pandrecht op vorderingen op naam (O&R nr. 43) 2007/459
459 Aanbevelingen aan de wetgever inzake zekerheidscessie
Documentgegevens:
mr. ing. A.J. Verdaas, datum 08-07-2025
- Datum
08-07-2025
- Auteur
mr. ing. A.J. Verdaas
- JCDI
JCDI:BSD15998:1
- Vakgebied(en)
Insolventierecht / Faillissement
Goederenrecht / Zekerheidsrechten
Verbintenissenrecht / Overeenkomst
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Volgt de wetgever het voorstel om cessie tot zekerheid weer op ruime schaal mogelijk te maken door art. 3:84 lid 3 BW te schrappen, dan verdient het aanbeveling dat de volgende ‘flankerende’ aanpassingen aan het Burgerlijk Wetboek worden gedaan.
Teneinde de cessionaris in staat te stellen om het door hem geïnde af te scheiden van zijn overige vermogen, zou hij de mogelijkheid moeten hebben om de vordering te innen op of het geïnde over te brengen naar een door hem aangehouden kwaliteitsrekening. De meest voor de hand liggende wijze om de cessionaris hiertoe in staat te stellen is de introductie in ons vermogensrecht van een generieke regeling van de kwaliteitsrekening.
Het verdient aanbeveling dat de wetgever dwingendrechtelijk bepaalt dat een zekerheidscessionaris, tenzij de zekerheidscessie is geschied ter uitvoering van een financiëlezekerheidsovereenkomst, zich de aan hem overgedragen vordering niet mag toeëigenen, alsmede dat hij verplicht is hetgeen van het geïnde resteert nadat hij daarop verhaal heeft genomen af te dragen aan de zekerheidsgever.