Inhoudsopgave
Gst. 2020/145:De Omgevingswet: (bijna-)afschaffing van de autonome verordeningsbevoegdheid en andere redenen om deze wet niet in te voeren
Gst. 2020/145
De Omgevingswet: (bijna-)afschaffing van de autonome verordeningsbevoegdheid en andere redenen om deze wet niet in te voeren
Documentgegevens:
Prof. mr. J.M.H.F. Teunissen, datum 09-11-2020
- Datum
09-11-2020
- Auteur
Prof. mr. J.M.H.F. Teunissen
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- JCDI
JCDI:ADS239700:1
- Vakgebied(en)
Omgevingsrecht / Omgevingsvergunning
Omgevingsrecht / Algemeen
Omgevingsrecht / Omgevingswet
Staatsrecht / Decentralisatie
- Wetingang
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
1. De (bijna-)afschaffing van de autonome verordenende bevoegdheid
1.1 Grondpijler van de autonomie
“Voor provincies en gemeenten wordt de bevoegdheid tot regeling en bestuur inzake hun huishouding aan hun besturen overgelaten”, aldus art. 124 lid 1 Grondwet: de grondpijler van de gemeentelijke en provinciale autonomie.1 Dit is – zo bevestigde de regering bij de Grondwetsherziening van 19832 – de belangrijkste bepaling ten aanzien van de territoriale decentralisatie. Hoewel het moeilijk is een scherpe grens aan te geven bij beantwoording van de vraag wanneer deze bepaling wordt geschonden, is in ieder geval duidelijk dat een volledige of nagenoeg volledige ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.