Omzetbelastingaspecten van ondernemingsfinanciering
Einde inhoudsopgave
Omzetbelastingaspecten van ondernemingsfinanciering (FM nr. 147) 2016/II.4.2.3:II.4.2.3 Typering van vennootschappen
Omzetbelastingaspecten van ondernemingsfinanciering (FM nr. 147) 2016/II.4.2.3
II.4.2.3 Typering van vennootschappen
Documentgegevens:
W.J. Blokland, datum 01-06-2016
- Datum
01-06-2016
- Auteur
W.J. Blokland
- JCDI
JCDI:ADS500341:1
- Vakgebied(en)
Omzetbelasting / Algemeen
Belastingrecht algemeen / Algemeen
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
J. Winter & J.B. Wezeman, Mr. P. van Schilfgaarde. Van de BV en de NV, Deventer: Kluwer 2013, nr. 9.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Op het eerste gezicht is een NV een NV en een BV een BV, maar bij nadere beschouwing is het mogelijk een aantal typen vennootschappen te onderscheiden. Winter & Wezeman verwoorden dat kernachtig als volgt:1
‘Aan de ene zijde van het spectrum staat de beursvennootschap, waarvan de aandelen aan een effectenbeurs zijn genoteerd of anderszins regelmatig worden verhandeld. Beursvennootschappen laten zich weer onderscheiden in vennootschappen met een wijdverbreid aandelenbezit en vennootschappen met een, of een kleine groep controlerende aandeelhouder(s) en daarnaast minderheidsaandeelhouders. Aan de andere zijde staat het type van de werkelijk besloten vennootschap. Voorbeelden daarvan zijn de eenpersoonsvennootschap, de vennootschap die deel uitmaakt van een concern (…) en de joint venture vennootschap waarin een beperkt aantal aandeelhouders met elkaar samenwerkt.’
Het is denkbaar dat het type vennootschap verschil maakt voor financieringsbeslissingen. Eenpersoonsvennootschappen en vennootschappen binnen een concern kunnen, bijvoorbeeld, worden gezien als een juridisch afgescheiden deel van het vermogen van de aandeelhouder die hen volledig beheerst. Dit zorgt voor een andere verhouding tussen vennootschap en aandeelhouder(s) dan bij een beursvennootschap met een wijdverbreid aandelenbezit. Een uitvloeisel daarvan is dat het voor een aandeelhouder in een eenpersoonsvennootschap qua rendement en risico volstrekt neutraal kan zijn of hij een achtergestelde lening verstrekt of nieuw kapitaal stort. In dit verband zijn – uiteraard – de gevolgen van een bepaalde geldverstrekking voor de fiscaliteit buiten beschouwing gelaten.