Stil pandrecht op vorderingen op naam
Einde inhoudsopgave
Stil pandrecht op vorderingen op naam (O&R nr. 43) 2007/335:335 Geen bescherming tegen cessie
Stil pandrecht op vorderingen op naam (O&R nr. 43) 2007/335
335 Geen bescherming tegen cessie
Documentgegevens:
mr. ing. A.J. Verdaas, datum 28-05-2025
- Datum
28-05-2025
- Auteur
mr. ing. A.J. Verdaas
- JCDI
JCDI:BSD13558:1
- Vakgebied(en)
Insolventierecht / Faillissement
Goederenrecht / Zekerheidsrechten
Verbintenissenrecht / Overeenkomst
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Vgl. Janssen 1992a, p. 171-172 en Stein 2006 (Vermogensrecht), art. 3:229, aant. 7.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Art. 3:229 lid 2 BW beschermt de substitutiepandhouder niet tegen een cessie (bij voorbaat) van de vordering waarop het substitutiepandrecht rust vóór het moment waarop zijn pandrecht is ontstaan, derhalve het moment waarop zijn oorspronkelijke pandrecht ontstond.1 Dit is redelijk nu, anders dan bij een verpanding bij voorbaat de pandhouder, de cessionaris veelal een tegenprestatie, zoals de betaling van een koopsom, verschuldigd zal zijn die zonder de cessie zou leiden tot een ongerechtvaardigde vermogensverschuiving. Deze ratio ontbreekt als de eerdere cessie een cessie tot zekerheid is, zodat het wel wenselijk is de substitutiepandhouder te beschermen tegen een eerdere cessie tot zekerheid.