Omzetbelastingaspecten van ondernemingsfinanciering
Einde inhoudsopgave
Omzetbelastingaspecten van ondernemingsfinanciering (FM nr. 147) 2016/A.2.4:A.2.4 Schrappen artikel 12 Btw-richtlijn (par. 9.4.5)
Omzetbelastingaspecten van ondernemingsfinanciering (FM nr. 147) 2016/A.2.4
A.2.4 Schrappen artikel 12 Btw-richtlijn (par. 9.4.5)
Documentgegevens:
W.J. Blokland, datum 01-06-2016
- Datum
01-06-2016
- Auteur
W.J. Blokland
- JCDI
JCDI:ADS495417:1
- Vakgebied(en)
Omzetbelasting / Algemeen
Belastingrecht algemeen / Algemeen
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Bij het schrappen van artikel 12, lid 1, Btw-richtlijn, hetgeen een voor zich sprekende wijziging is, dienen het tweede en derde lid van dat artikel in licht gewijzigde vorm als derde respectievelijk vierde lid aan artikel 135 Btwrichtlijn te worden toegevoegd. Daarnaast zijn enige andere redactionele wijzigingen in artikel 135 Btw-richtlijn nodig vanwege bestaande verwijzingen naar artikel 12. Eén ander kan als volgt worden gerealiseerd:
Artikel 135
1. De lidstaten verlenen vrijstelling voor de volgende handelingen:
(…)
j) de levering van een gebouw of een gedeelte daarvan en van het bijbehorende terrein, met uitzondering van de in artikel 12, lid 1, punt a), bedoelde levering van een gebouw of een gedeelte van een gebouw en het bijbehorende terrein vóór de eerste ingebruikneming;
k) de levering van onbebouwde onroerende goederen, met uitzondering van de in artikel 12, lid 1, punt b), bedoeldeleveringvan een bouwterrein;
3. Voor de toepassing van lid 1, onder j), wordt als ,,gebouw” beschouwd ieder bouwwerk dat vast met de grond is verbonden.
De lidstaten kunnen de voorwaarden voor de toepassing van het in lid 1, onder j), bedoelde criterium op de verbouwing van gebouwen, alsmede het begrip ,,bijbehorend terrein” bepalen.
De lidstaten kunnen andere criteria dan dat van de eerste ingebruikneming toepassen, zoals het tijdvak dat verloopt tussen de datum van voltooiing van het gebouw en die van eerste levering, of het tijdvak tussen de datum van eerste ingebruikneming en die van de daaropvolgende levering, mits deze tijdvakken niet langer duren dan onderscheidenlijk vijf en twee jaar.
4. Voor de toepassing van lid 1, onder k), wordt als ,,bouwterrein” beschouwd, de door de lidstaten als zodanig omschreven al dan niet bouwrijp gemaakte terreinen.
Wijziging van de Wet OB 1968 op dit punt is niet nodig. Artikel 7 Wet OB 1968 kan richtlijnconform worden uitgelegd, zoals dat nu ook gebeurt. Daarnaast zijn met artikel 12, lid 2 en 3, Btw-richtlijn corresponderende bepalingen al te vinden in artikel 11, lid 3 en 4, Wet OB 1968.