Einde inhoudsopgave
De intrekking van beschikkingen (SteR nr. 29) 2016/III.12.2.2.1
III.12.2.2.1 Algemeen
B. de Kam, datum 01-03-2016
- Datum
01-03-2016
- Auteur
B. de Kam
- JCDI
JCDI:ADS382555:1
- Vakgebied(en)
Bestuursrecht algemeen / Europees bestuursrecht
Bestuursrecht algemeen / Besluit (algemeen)
Bestuursrecht algemeen / Bestuursbevoegdheden
Voetnoten
Voetnoten
De wapens zijn verdeeld in vier categorieën (I-IV). De munitie valt onder categorie II of III, nu de wapens genoemd in categorie I en IV geen vuurwapens zijn. Zie Circulaire wapens en munitie 2014, paragraaf A1.2.2 (www.rijksoverheid.nl; klik op ‘documenten en publicaties’, vul bij ‘type’ in ‘circulaires’ en voer als zoekterm ‘wapens en munitie’ in).
Paragraaf A1.4.1 Circulaire wapens en munitie 2014.
Zie paragraaf A1.3.2 en A1.3.3 Circulaire wapens en munitie 2014.
De Wet wapens en munitie reguleert het bezit en gebruik van wapens en munitie. In art. 2 WWM worden zowel de soorten wapens als de soorten munitie die onder het bereik van de wet vallen verdeeld in een verschillende categorieën.1 Deze categorie-indeling is bepalend voor het soort toestemming dat op grond van de WWM is vereist voor het verrichten van bepaalde activiteiten met deze wapens en munitie. Een viertal toestemmingen wordt in de WWM onderscheiden. In de eerste plaats kan een ontheffing worden verleend van bepaalde in de WWM opgenomen verboden. Het betreft een individuele uitzondering op een wettelijk verbod. Verloven kunnen worden verleend voor het verrichten van bepaalde handelingen. Voorts kan een erkenning worden verleend ingeval van het bedrijfsmatig hanteren van wapens. Daarnaast is voor het invoeren, uitvoeren of doorvoeren van wapens in bij wet bepaalde gevallen een toestemming vereist. Deze toestemming wordt een consent genoemd.2 Tot slot wordt in de WWM ook nog gesproken over uitzonderingen en vrijstellingen. Uitzonderingen worden bijvoorbeeld gemaakt voor bepaalde beroepsgroepen, zoals de politie. Een vrijstelling is een algemene uitzondering op een wettelijk verbod.3
In art. 7 lid 2 WWM is een algemene intrekkingsregeling opgenomen. De gronden voor intrekking die in deze bepaling zijn opgenomen gelden ongeacht het soort toestemming dat wordt ingetrokken. In de artikelen 9 e.v. WWM is bepaald in welke gevallen een erkenning kan worden verleend. Een erkenning kan, naast de in art. 7 lid 2 WWM genoemde gronden, worden ingetrokken op de gronden neergelegd in art. 12 WWM. Voor het overige worden in de WWM regels gegeven met betrekking tot het verrichten van bepaalde activiteiten te weten: algemene bepalingen voor wapens van categorie I (art. 13 WWM), het binnenkomen en uitgaan van wapens en munitie categorie II en III (art. 14 e.v. WWM), het vervoer van wapens en munitie categorie II en III (art. 22 e.v. WWM), het voorhanden hebben en dragen van wapens en munitie categorie II, III en IV (art. 26 e.v. WWM) en de overdracht en verkrijging van wapens en munitie categorie II, III en IV (art. 31 e.v. WWM). Per activiteit is bepaald welke toestemming is vereist, onder welke voorwaarden de activiteit mag worden uitgeoefend, etc.