Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Lid 2 van art. 3:314 BW heeft betrekking op een rechtsvordering strekkende tot het beëindigen van bezit door een niet-rechthebbende. Bezit door een niet-rechthebbende dient als een ‘onrechtmatige toestand’ in de zin van lid 1 te worden beschouwd, ondanks het feit dat in sommige gevallen de bezitter tegen de rechthebbende bezitsbescherming toekomt (zie bijvoorbeeld art. 3:125 lid 2 BW (slot)). Toch is aan het bezit door een niet-rechthebbende, gelet op het grote belang dat verjaring bij bezit heeft, een aparte bepaling gewijd. Degene die een goed bezit op het moment dat de verjaring van de rechtsvordering strekkende ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
GS Vermogensrecht, art. 3:314 BW, aant. 3.0
3.0 Inleidende opmerkingen
mr. M.W.E. Koopman, actueel t/m 10-06-2024
10-06-2024
01-01-1992 tot: -
mr. M.W.E. Koopman
GS Vermogensrecht, art. 3:314 BW, aant. 3.0
Vermogensrecht / Rechtsvorderingen
opheffing onrechtmatige toestand
Burgerlijk Wetboek Boek 3 artikel 314
Lid 2 van art. 3:314 BW heeft betrekking op een rechtsvordering strekkende tot het beëindigen van bezit door een niet-rechthebbende. Bezit door een niet-rechthebbende dient als een ‘onrechtmatige toestand’ in de zin van lid 1 te worden beschouwd, ondanks het feit dat in sommige gevallen de bezitter tegen de rechthebbende bezitsbescherming toekomt (zie bijvoorbeeld art. 3:125 lid 2 BW (slot)). Toch is aan het bezit door een niet-rechthebbende, gelet op het grote belang dat verjaring bij bezit heeft, een aparte bepaling gewijd. Degene die een goed bezit op het moment dat de verjaring van de rechtsvordering strekkende ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.