De eenzijdige rechtshandeling
Einde inhoudsopgave
De eenzijdige rechtshandeling (O&R nr. 89) 2016/9.4.3:9.4.3 Afstand van processuele bevoegdheden
De eenzijdige rechtshandeling (O&R nr. 89) 2016/9.4.3
9.4.3 Afstand van processuele bevoegdheden
Documentgegevens:
C. Spierings, datum 06-02-2016
- Datum
06-02-2016
- Auteur
C. Spierings
- JCDI
JCDI:ADS381639:1
- Vakgebied(en)
Vermogensrecht / Rechtshandelingen
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
392. De laatste categorie van afstandsfiguren zijn de voorbeelden van afstand van procesrechtelijke rechten en bevoegdheden. Of hiervan eenzijdig afstand kan worden gedaan of dat een overeenkomst vereist is, hangt ervan af of alleen de afstand doende partij zelf rechtsgevolgen ondervindt, of dat ook zijn wederpartij geraakt wordt. In dat laatste geval is een overeenkomst vereist. Dit geldt voor prorogatie, nu beide partijen een kans verliezen om hun geschil voor te leggen en voor de bewijsovereenkomst. Afwijking van de wettelijk vastgelegde bewijslastverdeling beïnvloedt niet alleen de positie van degene die de bewijslast op zich neemt, maar mogelijk ook die van de partij die nu als eerste voldoende gemotiveerd moet betwisten voordat aan het bewijs wordt toegekomen.
Van de andere hierboven genoemde voorbeelden van procesrechtelijke bevoegdheden kan eenzijdig afstand worden gedaan. Als de eisende partij zijn eis vermindert, berust in een vonnis, afstand doet van instantie, in hoger beroep zijn verweren prijsgeeft, afstand doet van zijn recht om getuigen te horen of van zijn recht om op grond van het beginsel van hoor en wederhoor gekend te worden, dan heeft dat geen negatieve implicaties voor de rechtsgang van zijn wederpartij. Het prijsgeven van procesrechtelijke bevoegdheden behoort tot de autonomie van de procespartij.
393. Van een vorderingsrecht kan alleen bij overeenkomst afstand worden gedaan, maar afstand van het ius agendi kan eenzijdig. In dit verband kan het déchargebesluit worden gezien als afstand van de rechtsvordering jegens bestuurders of commissarissen. Het vorderingsrecht blijft in dat geval bestaan als natuurlijke verbintenis. Een exoneratiebeding daarentegen voorkomt dat aansprakelijkheid ontstaat, nu het toerekening van een tekortkoming uitsluit of beperkt. Dat gaat verder dan afstand van een processuele bevoegdheid en kan dus niet eenzijdig worden verricht.
Eveneens eenzijdig kan afstand worden gedaan van een beroep op bevrijdende verjaring of van een beroep op het verstreken zijn van een contractuele vervaltermijn. Dit zal veelal aan de orde komen als verweer van de schuldenaar tegen een rechtsvordering van de rechthebbende. Dat afstand van een beroep op bevrijdende verjaring eenzijdig kan, is opmerkelijk, nu dat neerkomt op een omzetting van een natuurlijke in een afdwingbare verbintenis. Als dit geschiedt op grond van art. 6:5 BW, dan is een overeenkomst vereist. Gebeurt het echter via de weg van afstand van verjaring, dan volstaat een eenzijdige wilsverklaring.