Omzetbelastingaspecten van ondernemingsfinanciering
Einde inhoudsopgave
Omzetbelastingaspecten van ondernemingsfinanciering (FM nr. 147) 2016/A.2.6:A.2.6 Wijzigen artikel 169, onderdeel c, Btw-richtlijn (par. 9.4.9)
Omzetbelastingaspecten van ondernemingsfinanciering (FM nr. 147) 2016/A.2.6
A.2.6 Wijzigen artikel 169, onderdeel c, Btw-richtlijn (par. 9.4.9)
Documentgegevens:
W.J. Blokland, datum 01-06-2016
- Datum
01-06-2016
- Auteur
W.J. Blokland
- JCDI
JCDI:ADS494200:1
- Vakgebied(en)
Omzetbelasting / Algemeen
Belastingrecht algemeen / Algemeen
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Het gerichter wegnemen van concurrentienadelen voor verleners van vrijgestelde financiële diensten als zij buiten de EU opereren, kan met de volgende wijziging van artikel 169 Btw-richtlijn worden bereikt:
Artikel 169
Naast de in artikel 168 bedoelde aftrek heeft de belastingplichtige recht op aftrek van de in dat artikel bedoelde BTW, voorzovervoor zover de goederen en de diensten worden gebruikt voor de volgende handelingen:
(…)
c) door de belastingplichtige verrichte handelingen waarvoor krachtens artikel 135, lid 1, punten a) tot en met f), vrijstelling is verleend, indien de afnemer wanneer het werkelijke gebruik of de werkelijke exploitatie van die handelingen buiten de Gemeenschap gevestigd isgeschiedt of indien de handelingen rechtstreeks samenhangen met goederen die bestemd zijn om uit de Gemeenschap te worden uitgevoerd.
In artikel 15, lid 2, onderdeel c, Wet OB 1968 kan dit vervolgens als volgt worden vertaald:
Artikel 15
(…)
2. De ondernemer brengt eveneens in aftrek de belasting, bedoeld in het eerste lid, voorzovervoor zover de goederen en diensten door de ondernemer worden gebruikt voor:
(…)
c. handelingen als bedoeld in artikel 11, eerste lid, onderdelen i, onder 1° en 2°, j en k, mits de ontvangerhet werkelijke gebruik of de werkelijke exploitatie van die handelingen buiten de GemeenschapUniegevestigd is plaatsvindt of wanneer de handelingen rechtstreeks samenhangen met goederen die bestemd zijn om te worden uitgevoerd uit de Unie.
(…)
In deze aanpassing van artikel 15, lid 2, onderdeel c, Wet OB 1968 is direct meegenomen dat het in dat artikel bepaalde conform artikel 169, aanhef en onderdeel c, Btw-richtlijn geen betrekking mag hebben op het beheer van door beleggingsfondsen en beleggingsmaatschappijen ter collectieve belegging bijeengebrachte vermogens in de zin van artikel 11, lid 1, onderdeel i, ten derde, Wet OB 1968. Verder is ‘Gemeenschap’ vervangen door ‘Unie’, hetgeen beter aansluit bij de definities in artikel 2a Wet OB 1968.