Stil pandrecht op vorderingen op naam
Einde inhoudsopgave
Stil pandrecht op vorderingen op naam (O&R nr. 43) 2007/71:71 Onbevoegde inning door de curator van de cessionaris
Stil pandrecht op vorderingen op naam (O&R nr. 43) 2007/71
71 Onbevoegde inning door de curator van de cessionaris
Documentgegevens:
mr. ing. A.J. Verdaas, datum 01-07-2025
- Datum
01-07-2025
- Auteur
mr. ing. A.J. Verdaas
- JCDI
JCDI:BSD15840:1
- Vakgebied(en)
Insolventierecht / Faillissement
Goederenrecht / Zekerheidsrechten
Verbintenissenrecht / Overeenkomst
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Vgl. HR 5 september 1997, JOR 1997/102 m.nt. E.W.J.H. de Liagre Böhl en m.nt. N.E.D. Faber, NJ 1998, 437 (Ontvanger/Hamm q.q.), HR 7 juni 2002, JOR 2002/147 m.nt. G.A.J. Boekraad, NJ 2002, 608 m.nt. JBMV (Komdeur q.q./Nationale Nederlanden) en HR 8 juni 2007, LJN AZ4569 (Van der Werff q.q./BLG). Vgl. ook Vranken 1999, nr. 19-23. Zie ook hierna par. 9.2.4.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Dat de aan fiduciaire eigendom verbonden beperkingen kunnen worden tegengeworpen aan derden, betekent voor tot zekerheid overgedragen vorderingen dat de curator van de cessionaris niet bevoegd is de vorderingen te innen zolang de cessionaris daartoe in zijn verhouding tot de cedent niet bevoegd zou zijn. Aannemelijk is dat de curator die tot inning overgaat voordat hij daartoe bevoegd is, het geïnde dient af te dragen aan de cedent.1 De cedent heeft voor het onbevoegd geïnde bedrag een boedelvordering, die de curator naar mijn mening vóór alle andere boedelvorderingen moet voldoen omdat de boedel, door toevoeging daaraan van het geïnde, ongerechtvaardigd zou worden verrijkt.2