Stil pandrecht op vorderingen op naam
Einde inhoudsopgave
Stil pandrecht op vorderingen op naam (O&R nr. 43) 2007/232:232 Inningsbevoegdheid, voorrang en verhaal
Stil pandrecht op vorderingen op naam (O&R nr. 43) 2007/232
232 Inningsbevoegdheid, voorrang en verhaal
Documentgegevens:
mr. ing. A.J. Verdaas, datum 01-10-2007
- Datum
01-10-2007
- Auteur
mr. ing. A.J. Verdaas
- JCDI
JCDI:BSD33829:1
- Vakgebied(en)
Insolventierecht / Faillissement
Goederenrecht / Zekerheidsrechten
Verbintenissenrecht / Overeenkomst
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
HR 17 februari 1995, NJ 1996, 471 m.nt. WMK en HR 22 juni 2007, LJN BA2511.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Failleert de pandgever dan geldt dat de (stil) pandhouder zijn rechten kan uitoefenen alsof er geen faillissement was. De stil pandhouder kan zichzelf ook na de faillietverklaring van de pandgever, door mededeling van zijn pandrecht te doen, inningsbevoegd maken en, zodra zijn vordering opeisbaar is, verhaal nemen op het geïnde. Dit volgt uit art. 57 Fw en is door de Hoge Raad bevestigd in de arresten Mulder q.q./CLBN en ING/Verdonk q.q.1
Uit deze beide arresten volgt ook het volgende. De curator is steeds bevoegd om betalingen van de verpande vordering in ontvangst te nemen zolang geen mededeling van het pandrecht aan de debiteur van de vordering heeft plaatsgevonden. Evenals bij inning door de pandgever buiten faillissement het geval is, gaat het pandrecht op de door de curator geïnde vordering teniet. Op de opbrengst van een door de curator geïnde, stil verpande vordering komt, bij gebreke van een daartoe strekkende wettelijke bepaling, geen substitutiepandrecht te rusten. De (voormalige) pandhouder verliest zijn separatistpositie. Wel behoudt hij zijn voorrangsrecht op het geïnde. Gevolg hiervan is dat de pandhouder voor de verdeling van het door de curator geïnde op een uitdeling uit de faillissementsboedel moet wachten en bijdraagt aan de algemene faillissementskosten.