Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Uit de in aant. 8.4.1 geciteerde Toelichting Meijers blijkt dat de zelfstandige betekenis van het toerekeningsvereiste mede afhankelijk is van het abstractieniveau van de geschonden norm. In verband hiermee wordt wel betoogd dat het toerekenbaarheidsvereiste weinig of geen zelfstandige betekenis heeft waar het de schending van maatschappelijke zorgvuldigheidsnormen betreft. Deze normen zijn immers (reeds) op de omstandigheden van het geval toegesneden (vgl. aant. 6.1.4).
Zie ter illustratie het volgende arrest, waarin de toerekenbaarheid werd geacht besloten te liggen in de schending van een maatschappelijke zorgvuldigheidsnorm:
GS Onrechtmatige daad, art. 6:162 BW, aant. 8.4.2
8.4.2 Verwevenheid met onrechtmatigheid
mr. K.J.O. Jansen, actueel t/m 30-12-2024
30-12-2024
01-01-1992 tot: -
mr. K.J.O. Jansen
GS Onrechtmatige daad, art. 6:162 BW, aant. 8.4.2
Verbintenissenrecht / Onrechtmatige daad
onrechtmatige daad
Burgerlijk Wetboek Boek 6 artikel 162
Uit de in aant. 8.4.1 geciteerde Toelichting Meijers blijkt dat de zelfstandige betekenis van het toerekeningsvereiste mede afhankelijk is van het abstractieniveau van de geschonden norm. In verband hiermee wordt wel betoogd dat het toerekenbaarheidsvereiste weinig of geen zelfstandige betekenis heeft waar het de schending van maatschappelijke zorgvuldigheidsnormen betreft. Deze normen zijn immers (reeds) op de omstandigheden van het geval toegesneden (vgl. aant. 6.1.4).
Zie ter illustratie het volgende arrest, waarin de toerekenbaarheid werd geacht besloten te liggen in de schending van een maatschappelijke zorgvuldigheidsnorm:
HR 25 maart 1966, NJ ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.