Stil pandrecht op vorderingen op naam
Einde inhoudsopgave
Stil pandrecht op vorderingen op naam (O&R nr. 43) 2007/279:279 Tijdstip van opgekomen en opeisbaar zijn
Stil pandrecht op vorderingen op naam (O&R nr. 43) 2007/279
279 Tijdstip van opgekomen en opeisbaar zijn
Documentgegevens:
mr. ing. A.J. Verdaas, datum 14-01-2026
- Datum
14-01-2026
- Auteur
mr. ing. A.J. Verdaas
- JCDI
JCDI:BSD41643:1
- Vakgebied(en)
Insolventierecht / Faillissement
Goederenrecht / Zekerheidsrechten
Verbintenissenrecht / Overeenkomst
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
De tekst van lid 1 van art. 6:130 BW lijkt de eis te stellen dat de in verrekening te brengen tegenvordering moet zijn ontstaan en opeisbaar moet zijn geworden vóórdat de mededeling van de verpanding aan de schuldenaar is geschied. Gelet op de uit de wetsgeschiedenis blijkende bedoeling van dit vereiste, dat de schuldenaar geen vorderingen meer kan verrekenen die zijn ontstaan nádat de vordering is overgegaan casu quo de verpanding aan hem is medegedeeld,1 moet dit vereiste mijns inziens zo worden uitgelegd, dat een vordering in verrekening kan worden gebracht als deze uiterlijk op het tijdstip van die mededeling bestaat en opeisbaar is.2