Stil pandrecht op vorderingen op naam
Einde inhoudsopgave
Stil pandrecht op vorderingen op naam (O&R nr. 43) 2026/385:385 Geen bevoordeling van andere schuldeisers in geval van borgtocht
Stil pandrecht op vorderingen op naam (O&R nr. 43) 2026/385
385 Geen bevoordeling van andere schuldeisers in geval van borgtocht
Documentgegevens:
mr. ing. A.J. Verdaas, datum 15-05-2026
- Datum
15-05-2026
- Auteur
mr. ing. A.J. Verdaas
- JCDI
JCDI:BSD105905:1
- Vakgebied(en)
Insolventierecht / Faillissement
Goederenrecht / Zekerheidsrechten
Verbintenissenrecht / Overeenkomst
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Zo ook Guillaume 2006, p. 725.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Opgemerkt zij, dat van bevoordeling van andere schuldeisers (dan de beslagdebiteur) van de derdebeslagene geen sprake zou zijn, als het aan de vordering verbonden zekerheidsrecht geen recht van pand of hypotheek maar een borgtocht is. Dat een derde zich voor een vordering tot borg heeft gesteld, brengt immers geen wijziging in de rang van die vordering. Door het inningsbevoegd worden van de pandhouder wordt mijns inziens de pandgever onbevoegd om een derde die zich borg stelde voor die vordering aan te spreken. Zou de pandhouder de borg niet kunnen aanspreken, dan zouden noch de pandgever, noch de pandhouder dat kunnen. Dat zou tot een ongerechtvaardigde benadeling van de pandgever kunnen leiden. Er is dan ook geen aanleiding om voor borgtocht anders te oordelen dan voor pand en hypotheek.1 Daarbij komt dat de andere overwegingen van de Hoge Raad dan de overweging dat andere schuldeisers zouden worden bevoordeeld als de beslaglegger een van de vordering afhankelijk hypotheekrecht niet zou kunnen uitoefenen, zijn oordeel zelfstandig kunnen dragen en deze overwegingen voor borgtocht even valide zijn als voor pand- en hypotheekrechten.