FED 1996/660:Tussen de mondelinge behandeling van een zaak bij het hof en het arrest van de Hoge Raad zijn zes jaar en drie maanden verstreken. De redelijke termijn van behandeling als bedoeld in art. 6, eerste lid, EVRM is daarmee zozeer overschreden dat de bij de naheffingsaanslag toegepaste verhoging geheel moet vervallen.