FED 1996/103
HR, 10-01-1996, nr. 30 584
HR 10-01-1996, ECLI:NL:HR:1996:AA1874
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
10 januari 1996
- Magistraten
Stoffer; Urlings; Herrmann; Jansen, C.H.M.; Fleers
- Zaaknummer
30 584
- LJN
AA1874
- Vakgebied(en)
Onbekend (V)
Belastingen van lagere overheden (V)
Milieubelastingen (V)
Belastingrecht algemeen / Algemeen
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:1996:AA1874, Uitspraak, Hoge Raad, 10‑01‑1996
- Wetingang
Art. 18 WVO
Uitspraak
Belanghebbende, X, is eigenaar dan wel zakelijk gerechtigde van een perceel bestaande uit 3 etages. Op elk daarvan woont 1 persoon. De begane grond bestaat uit een kamer, een keuken en een toilet; de 1e verdieping uit een kamer met keukenblok en een badkamer met douche, bad en toilet; de 2e verdieping uit een kamer met keukenblok. De badkamer op de eerste verdieping is door X aan alle bewoners gemeenschappelijk in gebruik gegeven.
In geschil is of elk van de etages is aan te merken als een woonruimte ex art. 18, tweede lid, WVO en art. 2, letter ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.