FED 1998/817
HR, 02-12-1998, nr. 33 744
HR 02-12-1998, ECLI:NL:HR:1998:AA2614
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
2 december 1998
- Zaaknummer
33 744
- LJN
AA2614
- Vakgebied(en)
Fiscaal bestuursrecht (V)
Belastingen van rechtsverkeer (V)
Belastingen van rechtsverkeer / Algemeen
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:1998:AA2614, Uitspraak, Hoge Raad, 02‑12‑1998
- Wetingang
Uitspraak
A kwam op 3 september 1987 met een derde overeen dat deze indirect zou deelnemen in D BV en C BV, van welke BV's A de aandelen hield. Daartoe diende A X BV (belanghebbende) en X BV Y BV op te richten, die, na inbreng door X BV, de aandelen D BV en C BV zou gaan houden. X BV zou 204 van de 308 aandelen Y BV aan de derde verkopen. De aandelen zouden gerechtigd zijn tot de winst van Y BV vanaf 1 januari 1987. Fase 1 hield derhalve in inbreng van de aandelen D BV en ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.