GS Verbintenissenrecht, art. 6:75 BW, aant. 3.3:3.3 Verhindering van de nakoming, begrip
GS Verbintenissenrecht, art. 6:75 BW, aant. 3.3
3.3 Verhindering van de nakoming, begrip
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Documentgegevens:
mr. C. Cauffman en mr. P. Croes, actueel t/m 01-07-2021
Onder een verhindering van nakoming wordt verstaan een onmogelijkheid om de verbintenis na te komen. Dit doet zich voor wanneer de nakoming van de overeengekomen prestatie voor de desbetreffende schuldenaar (geheel of gedeeltelijk) onmogelijk of praktisch te bezwaarlijk is.
De situatie dat nakoming praktisch te bezwaarlijk is voor een schuldenaar, moet volgens de parlementaire geschiedenis aldus worden begrepen dat nakoming van de schuldenaar een zo grote inspanning of opoffering kost, dat deze als praktisch onmogelijk moet worden aangemerkt. Hiervan is geen sprake als nakoming praktisch gezien goed mogelijk is, maar voor de schuldenaar (bijvoorbeeld als gevolg van een onvoorziene ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
GS Verbintenissenrecht, art. 6:75 BW, aant. 3.3
3.3 Verhindering van de nakoming, begrip
mr. C. Cauffman en mr. P. Croes, actueel t/m 01-07-2021
01-07-2021
01-01-1992 tot: -
mr. C. Cauffman en mr. P. Croes
GS Verbintenissenrecht, art. 6:75 BW, aant. 3.3
Verbintenissenrecht / Algemeen
overmacht
Burgerlijk Wetboek Boek 6 artikel 75
Onder een verhindering van nakoming wordt verstaan een onmogelijkheid om de verbintenis na te komen. Dit doet zich voor wanneer de nakoming van de overeengekomen prestatie voor de desbetreffende schuldenaar (geheel of gedeeltelijk) onmogelijk of praktisch te bezwaarlijk is.
De situatie dat nakoming praktisch te bezwaarlijk is voor een schuldenaar, moet volgens de parlementaire geschiedenis aldus worden begrepen dat nakoming van de schuldenaar een zo grote inspanning of opoffering kost, dat deze als praktisch onmogelijk moet worden aangemerkt. Hiervan is geen sprake als nakoming praktisch gezien goed mogelijk is, maar voor de schuldenaar (bijvoorbeeld als gevolg van een onvoorziene ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.