Inhoudsopgave
WFR 1998/703:Gescheiden rechtsgang bij aansprakelijkheid. Verbeterde rechtsbescherming of Babylonische spraakverwarring
WFR 1998/703
Gescheiden rechtsgang bij aansprakelijkheid. Verbeterde rechtsbescherming of Babylonische spraakverwarring
Documentgegevens:
A. VAN EIJSDEN, M. HAGENDOORN EN H.M. KOSTER , datum 01-01-1998
- Datum
01-01-1998
- Auteur
A. VAN EIJSDEN, M. HAGENDOORN EN H.M. KOSTER 1
- JCDI
JCDI:ADS182429:1
- Vakgebied(en)
Onbekend (V)
Fiscaal procesrecht / Algemeen
- Wetingang
Hfdst. VI Invorderingswet 1990; art. 49 Invorderingswet 1990; Awb; art. 6 EVRM; art. 1:102 BW; art. 18 WvK
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
1 Inleiding
Op 21 november 1997 wees de Hoge Raad een arrest 2 met betrekking tot de inlenersaansprakelijkheid. De aansprakelijkgestelde voerde in de procedure onder andere aan dat hij niet met de uitlener (voor wiens belastingschuld hij aansprakelijk was gesteld) had gecontracteerd, maar met een derde. De vraag die rees, was, of dat verweer aan de orde diende te worden gesteld in de aansprakelijkheidsprocedure ex art. 49 Invorderingswet 1990 of in de bezwaar- en (eventueel) beroepsprocedure ex art. 50 Invorderingswet 1990. Zowel de rechtbank 's-Hertogenbosch 3 als Hof 's-Hertogenbosch 4 oordeelden dat het desbetreffende verweer in de ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.