Inhoudsopgave
WFR 1962/399:De historie van de deelnemingsvrijstelling vennootschapsbelasting in de buitenlandse verhouding in Duitsland
WFR 1962/399
De historie van de deelnemingsvrijstelling vennootschapsbelasting in de buitenlandse verhouding in Duitsland
Documentgegevens:
Dr. J. H. Christiaanse:, datum 01-01-1962
- Datum
01-01-1962
- Auteur
Dr. J. H. Christiaanse:
- JCDI
JCDI:ADS841699:1
- Vakgebied(en)
Internationaal belastingrecht / Algemeen
Vennootschapsbelasting / Algemeen
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Inleiding
De regeling van de deelnemingsvrijstelling in de vennootschapsbelasting moet men in hoofdzaak zien als een onderdeel van het zgn. concernbelastingrecht. Van bijzonder belang is derhalve de afbakening tegenover een andere component van dit recht: de orgaantheorie, in haar versterkte vorm eenheidstheorie te noemen.
Bij de deelnemingsvrijstelling gaat het om de verhouding tussen twee lichamen, die formeeljuridisch geheel zelfstandig zijn en ook fiscaal geheel als afzonderlijke belastingsubjecten worden behandeld. Als principe van de deelnemingsvrijstelling geldt: dividenden, die van de dochtermaatschappij naar de moedermaatschappij vloeien, zijn bij de laatste vrijgesteld. Bij de orgaantheorie is het uitgangspunt radicaler: er vindt een ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.