FED 1995/602
HR, 24-07-1995, nr. 30 461
HR 24-07-1995, ECLI:NL:HR:1995:AA1655
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
24 juli 1995
- Magistraten
Stoffer; Urlings; Zuurmond; Herrmann; Fleers
- Zaaknummer
30 461
- LJN
AA1655
- Vakgebied(en)
Belastingen van rechtsverkeer / Algemeen
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:1995:AA1655, Uitspraak, Hoge Raad, 24‑07‑1995
- Wetingang
Art. 34 WBR
Uitspraak
Belanghebbende, X BV, heeft een rekening-courantschuld aan haar enig aandeelhouder, A, een natuurlijk persoon voor wie de rekening-courantvordering niet tot een ondernemingsvermogen behoort. Deze heeft over 1992, in welk jaar de schuld f 4 300 001 bedroeg, genoegen genomen met een rentevergoeding van f 30 000. Een normale rentevergoeding over 1992 bedraagt f 356 900.
In geschil is of de inspecteur terecht stelt dat kapitaalsbelasting moet worden voldaan over het verschil tussen de normaal verschuldigde en de werkelijk verschuldigde interest.
Het Hof Amsterdam stelt de inspecteur in het gelijk.
Op het beroep in cassatie van X BV ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.