Post a.8, van de bij de Wet OB 1968 behorende Tabel II betreft een regeling voor aangewezen goederen die zich bevinden of worden gebracht naar een niet-plaatsgebonden entrepot (onderdeel a van de post) en voor aangewezen goederen die zich bevinden in een plaatsgebonden entrepot (onderdeel b van de post).Voor het begrip entrepot wordt in de tekst van de tabelpost verwezen naar art. 157, eerste lid, onderdeel a en b, Richtlijn 2006/112/EG (tot 1 januari 2007 art. 16, eerste lid, onderdeel A en B, onderdeel e, Zesde richtlijn).
Beleid
Geldend beleid. Voorschrift Tabel II, vanaf 1 april 2024
'2. Algemeen en juridisch kader
Post a.8 voorziet onder bepaalde voorwaarden in een nultarief voor de levering van aangewezen goederen die:
– zich bevinden in of worden gebracht naar een niet-plaatsgebonden entrepot dat geen douaneentrepot is (post a.8, onderdeel a); of
– zich bevinden in een plaatsgebonden entrepot, dat niet een AGP is voor minerale oliën (post a.8, onderdeel b).
Post a.8 geldt alleen voor zover de in de post bedoelde leveringen plaatsvinden in Nederland, grensoverschrijdende leveringen vallen niet onder de post.
– de bijlagen I en K bij de uitvoeringsbeschikking.
Post a.8 is gebaseerd op diverse artikelen van de btw-richtlijn. Het gaat om artikel 155, artikel 157, lid 1, onderdelen a en b, en artikel 160, lid 1, onderdeel b, en lid 2, van de btw-richtlijn.
Het nultarief van post a.8 geldt voor bulkgoederen waarin door onder meer in het buitenland gevestigde ondernemers internationaal handel wordt gedreven (o.a. via de termijnmarkt), terwijl die goederen in een btw-entrepot in Nederland zijn opgeslagen. Normaliter zijn deze aan- en verkopen belast in Nederland (zie artikel 5, eerste lid, onderdeel b, van de wet). Deze heffing leverde praktische bezwaren op. Door toepassing van het nultarief is aan de praktische bezwaren tegemoetgekomen. Het achterliggende doel van het nultarief van post a.8 is om ondernemers die niet in Nederland zijn gevestigd voor de bedoelde aan- en verkopen te ontheffen van btw-verplichtingen138 (zoals het doen van btw-aangifte of het aanstellen van een fiscaal vertegenwoordiger).'
Vakstudie Omzetbelasting, bijl. Wet OB 1968, aant. 1.1 (post a.8)
Aant. 1.1 (post a.8) Inleiding
Actueel t/m 26-02-2025
26-02-2025, het commentaar is bijgewerkt t/m V-N 2025/10 en BNB 2025/31
01-01-1969 tot: -
Vakstudie Omzetbelasting, bijl. Wet OB 1968, aant. 1.1 (post a.8)
Omzetbelasting / Tarief
nultarief
Wet op de omzetbelasting 1968 bijlage II
Beschouwing
Post a.8, van de bij de Wet OB 1968 behorende Tabel II betreft een regeling voor aangewezen goederen die zich bevinden of worden gebracht naar een niet-plaatsgebonden entrepot (onderdeel a van de post) en voor aangewezen goederen die zich bevinden in een plaatsgebonden entrepot (onderdeel b van de post).Voor het begrip entrepot wordt in de tekst van de tabelpost verwezen naar art. 157, eerste lid, onderdeel a en b, Richtlijn 2006/112/EG (tot 1 januari 2007 art. 16, eerste lid, onderdeel A en B, onderdeel e, Zesde richtlijn).
Geldend beleid. Voorschrift Tabel II, vanaf 1 april 2024
'2. Algemeen en juridisch kader
Post a.8 voorziet onder bepaalde voorwaarden in een nultarief voor de levering van aangewezen goederen die:
– zich bevinden in of worden gebracht naar een niet-plaatsgebonden entrepot dat geen douaneentrepot is (post a.8, onderdeel a); of
– zich bevinden in een plaatsgebonden entrepot, dat niet een AGP is voor minerale oliën (post a.8, onderdeel b).
Post a.8 geldt alleen voor zover de in de post bedoelde leveringen plaatsvinden in Nederland, grensoverschrijdende leveringen vallen niet onder de post.
Post a.8 is nader uitgewerkt in:
– artikel 12, eerste en tweede lid, onderdeel c, en derde lid, van het uitvoeringsbesluit;
– artikel 36a tot en met 36c van de uitvoeringsbeschikking;
– de bijlagen I en K bij de uitvoeringsbeschikking.
Post a.8 is gebaseerd op diverse artikelen van de btw-richtlijn. Het gaat om artikel 155, artikel 157, lid 1, onderdelen a en b, en artikel 160, lid 1, onderdeel b, en lid 2, van de btw-richtlijn.
Het nultarief van post a.8 geldt voor bulkgoederen waarin door onder meer in het buitenland gevestigde ondernemers internationaal handel wordt gedreven (o.a. via de termijnmarkt), terwijl die goederen in een btw-entrepot in Nederland zijn opgeslagen. Normaliter zijn deze aan- en verkopen belast in Nederland (zie artikel 5, eerste lid, onderdeel b, van de wet). Deze heffing leverde praktische bezwaren op. Door toepassing van het nultarief is aan de praktische bezwaren tegemoetgekomen. Het achterliggende doel van het nultarief van post a.8 is om ondernemers die niet in Nederland zijn gevestigd voor de bedoelde aan- en verkopen te ontheffen van btw-verplichtingen138 (zoals het doen van btw-aangifte of het aanstellen van een fiscaal vertegenwoordiger).'
Besluit van 20 december 2023, nr. 2023-22510, Stcrt. 2023, 27807, V-N 2024/11.3.
Mr. drs. A.E. Spiessens, 'Heffing aan de grens', SDU Uitgevers (1e druk), pag.249 e.v.