Inhoudsopgave
V-N 2009/32.23:BELASTINGEN VAN RECHTSVERKEER; Conclusie A-G over 'verbonden lichaam' en 'eenderdebelang-criterium'
V-N 2009/32.23
BELASTINGEN VAN RECHTSVERKEER; Conclusie A-G over 'verbonden lichaam' en 'eenderdebelang-criterium'
Conclusie A-G Wattel, 2 juni 2009, nr. 08/04454
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
B koopt bij inschrijving de aandelen C bv, een onroerende-zaaklichaam in de zin van art. 4 WBR. Hij verkoopt zijn recht op levering van de aandelen aan Stichting X1, X3 bv en X2 bv, de belanghebbenden. De drie belanghebbenden verkrijgen respectievelijk 31.1%, 26.8%, en 31.8% van de aandelen C bv. De overige aandelen zijn in handen van B en G (de partner van B's zoon). Stichting X1 heeft haar verkrijging gefinancierd met een banklening waarvoor B en E borg hebben gestaan. Ter zake van hun verkrijgingen van aandelen C bv zijn naheffingsaanslagen opgelegd aan de belanghebbenden omdat zij 'verbonden' zouden ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.