Belastingadvies 2004/4.2
Invoering tweede feitelijke beroepsinstantie in belastingzaken
HR 23-01-2004, ECLI:NL:HR:2004:AO2281
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
23 januari 2004
- Zaaknummer
38923
- LJN
BI8635
- Vakgebied(en)
Onbekend (V)
Belastingrecht algemeen (V)
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2004:BI8635, Uitspraak, Hoge Raad, 23‑01‑2004
ECLI:NL:HR:2004:AO2281, Uitspraak, Hoge Raad, 23‑01‑2004
- Wetingang
Art. 14, vijfde lid, Internationaal Verdrag inzake Burgerlijke en Politieke Rechten
Essentie
Invoering tweede feitelijke beroepsinstantie in belastingzaken
Samenvatting
De Hoge Raad laat in het midden of de belastingrechtspraak in één feitelijke instantie voldoet aan art. 14, vijfde lid Verdrag inzake Burgerlijke en Politieke Rechten (IVBPR). In ieder geval is er geen reden voor een rechterlijk ingrijpen. Daarbij neemt de Hoge Raad in aanmerking dat Nederland bezig is belastingrechtspraak in twee feitelijke instanties in te voeren.
Uitspraak
BV X krijgt een boete opgelegd wegens het niet tijdig indienen van de aangifte vennootschapsbelasting. X bestrijdt de boetebeschikking. Zij stelt dat het ontbreken van twee feitelijke rechterlijke instanties die de boete kunnen ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.