V-N 1998/39.12
FISCAAL BESTUURSRECHT Inkomstenbelastingschuld ontstaat aan het einde van het kalenderjaar, ook al is de belastingplicht in de loop van het jaar geëindigd
HR 11-02-1998, ECLI:NL:HR:1998:AA2445, m.nt. Redactie Vakstudie Nieuws
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
11 februari 1998
- Magistraten
Jansen; Bellaart; Meij
- Zaaknummer
33 054
- Noot
Redactie Vakstudie Nieuws
- LJN
AA2445
- JCDI
JCDI:ADS899482:1
- Vakgebied(en)
Fiscaal bestuursrecht / Algemeen
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:1998:AA2445, Uitspraak, Hoge Raad, 11‑02‑1998
- Wetingang
Art. 11 AWR
Essentie
FISCAAL BESTUURSRECHT Inkomstenbelastingschuld ontstaat aan het einde van het kalenderjaar, ook al is de belastingplicht in de loop van het jaar geëindigd
Samenvatting
X is de enige erfgename van A, die op 17 maart 1991 is overleden. Ten name van A is een aanslag inkomstenbelasting/premie volksverzekeringen 1991 opgelegd met dagtekening 31 december 1994. In geschil is of de aanslag tijdig is opgelegd.
Hof 's-Hertogenbosch stelt X in het ongelijk en overweegt daartoe:
De HR heeft in BNB 1983/232 voor de toepassing van art. 11, derde lid, AWR beslist dat de op een bepaald kalenderjaar betrekking ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.