FED 1989/365
Waardering op lagere bedrijfswaarde is in casu niet toegestaan. De motivering van de beslissing door het hof is wellicht gedeeltelijk onjuist. Omdat de overige gronden echter de beslissing kunnen dragen, wordt de uitspraak toch door de Hoge Raad bevestigd.
HR 05-04-1989, ECLI:NL:HR:1989:ZC4015, m.nt. R. Russo
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
5 april 1989
- Magistraten
Royer; Jansen; Linde, Van Der; Baardman; Bellaart
- Zaaknummer
25 186
- Noot
R. Russo
- LJN
ZC4015
- JCDI
JCDI:ADS206625:1
- Vakgebied(en)
Onbekend (V)
Fiscaal ondernemingsrecht (V)
Inkomstenbelasting / Algemeen
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:1989:ZC4015, Uitspraak, Hoge Raad, 05‑04‑1989
- Wetingang
Art. 9 Wet IB 1964
Essentie
Waardering op lagere bedrijfswaarde is in casu niet toegestaan. De motivering van de beslissing door het hof is wellicht gedeeltelijk onjuist. Omdat de overige gronden echter de beslissing kunnen dragen, wordt de uitspraak toch door de Hoge Raad bevestigd.
Uitspraak
Vaststaat:
Belanghebbende, X te Z, oefent het vrij beroep uit van fotograaf. Vanaf 1979 is zijn praktijk gevestigd in een pand, A-straat 1 te Z, dat voor 50% tot zijn ondernemingsvermogen behoort (hierna ook: de studio).
De aanschafkosten van het hele pand bedroegen f 497 150. Het pand is naar zijn aard een woonhuis. Belanghebbende schrijft tot ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.