FED 1998/423
Moment van passivering van schuld bij toepassing van art. 17 Wet IB 1964
HR 15-04-1998, ECLI:NL:PHR:1998:AA2494, m.nt. J.J.M. Jansen
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
15 april 1998
- Magistraten
Soest, van; Jansen, R.J.J.; Putt-Lauwers, van der; Brunschot, van; Meij; Vliet, van
- Zaaknummer
32 271
- Noot
J.J.M. Jansen
- LJN
AA2494
- JCDI
JCDI:ADS227565:1
- Vakgebied(en)
Inkomstenbelasting (V)
Inkomstenbelasting / Algemeen
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:1998:AA2494, Uitspraak, Hoge Raad, 15‑04‑1998
ECLI:NL:PHR:1998:AA2494, Conclusie, Hoge Raad (Advocaat-Generaal), 15‑04‑1998
- Wetingang
Essentie
Moment van passivering van schuld bij toepassing van art. 17 Wet IB 1964
Samenvatting
Belanghebbende oefende tot 1 mei 1991 in maatschapsverband met zijn vader het melkveehoudersbedrijf uit. Het gebroken boekjaar loopt van 1 mei tot en met 30 april. Op enig tijdstip voorafgaand aan 1 mei 1991 is belanghebbende met zijn vader overeengekomen dat hij met ingang van 1 mei 1991 het aandeel van zijn vader overneemt. Vanaf die datum drijft belanghebbende de onderneming als eenmanszaak geheel voor eigen rekening. Belanghebbende en zijn vader hebben een verzoek ex art. 17 Wet IB 1964 gedaan. Belanghebbende heeft het aandeel ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.