FED 1995/901
Kantoorruimte na 'Oort' is niet gelijk aan kantoorruimte voor 'Oort'.
HR 11-10-1995, ECLI:NL:HR:1995:AA3116, m.nt. A.C. van Rooijen
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
11 oktober 1995
- Magistraten
Stoffer; Zuurmond; Fleers
- Zaaknummer
30453
- Noot
A.C. van Rooijen
- LJN
AA3116
- JCDI
JCDI:ADS227435:1
- Vakgebied(en)
Fiscaal bestuursrecht / Algemene rechtsbeginselen en abbb
Inkomstenbelasting / Algemeen
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:1995:AA3116, Uitspraak, Hoge Raad, 11‑10‑1995
- Wetingang
Art. 36, eerste lid, letter b, Wet IB 1964.
Essentie
Kantoorruimte na 'Oort' is niet gelijk aan kantoorruimte voor 'Oort'.
Uitspraak
Het geschil betrof de aanslag inkomstenbelasting/premie volksverzekeringen 1991.
Vaststaat:
2.1. Belanghebbende is werkzaam bij de Belastingdienst te Q.
2.2. In zijn eigen woning te Z heeft belanghebbende een kamer, ter grootte van ongeveer 16% van de totale oppervlakte van de woning, ingericht als werkkamer.
Belanghebbende gebruikt de werkkamer voor het verrichten van diverse werkzaamheden die samenhangen met de behoorlijke vervulling van zijn dienstbetrekking, samen te vatten als lezende en schrijvende arbeid en overige werkzaamheden van administratieve aard.
2.3. Aan belanghebbende is door zijn werkgever een kantoorruimte ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.