FED 1999/372
Winst van een gebroken boekjaar dient - ook indien dat gepaard gaat met tariefswijzigingen - aan het fiscale jaar waarin het boekjaar eindigt te worden toegerekend
HR 03-03-1999, ECLI:NL:HR:1999:AA2695, m.nt. R.M. Freudenthal
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
3 maart 1999
- Magistraten
Soest, van; Jansen; Brunschot, van; Vliet, van; Hammerstein; Amersfoort, van
- Zaaknummer
33 926
- Noot
R.M. Freudenthal
- LJN
BI6654
- JCDI
JCDI:ADS229383:1
- Vakgebied(en)
Onbekend (V)
Inkomstenbelasting (V)
Fiscaal bestuursrecht / Algemene rechtsbeginselen en abbb
Belastingrecht algemeen / Algemeen
Inkomstenbelasting / Algemeen
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:1999:AA2695, Uitspraak, Hoge Raad, 03‑03‑1999
ECLI:NL:PHR:1999:AA2695, Conclusie, Hoge Raad (Advocaat-Generaal), 12‑10‑1998
- Wetingang
Art. 20, tweede lid Wet IB 1964
Essentie
Winst van een gebroken boekjaar dient - ook indien dat gepaard gaat met tariefswijzigingen - aan het fiscale jaar waarin het boekjaar eindigt te worden toegerekend
Uitspraak
Het geschil betreft de aanslag inkomstenbelasting/premie volksverzekering 1990 van X te Z.
VASTSTAAT:
3 Om grond van de stukken van het geding en het ter zitting verhandelde is, als tussen partijen niet in geschil, dan wel door een van hen gesteld en door de wederpartij niet of niet voldoende weersproken het volgende komen vast te staan:
Belanghebbende is geboren in 1924 en gehuwd. Tot mei 1990 oefende belanghebbende in firmaverband ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.