BNB 2000/222
Bij huiszoeking inbeslaggenomen stukken konden niet dienen tot bewijs onjuistheid navorderingsaanslag. Geen schade in bewijspositie
HR 22-03-2000, ECLI:NL:HR:2000:AA5220, m.nt. M.W.C. Feteris
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
22 maart 2000
- Magistraten
Brunschot, van; Amersfoort, van; Lourens
- Zaaknummer
34 751
- Noot
M.W.C. Feteris
- LJN
AA5220
- JCDI
JCDI:ADS888176:1
- Vakgebied(en)
Onbekend (V)
Belastingrecht algemeen / Algemeen
Europees belastingrecht / Algemeen
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2000:AA5220, Uitspraak, Hoge Raad, 22‑03‑2000
- Wetingang
Wet ARB algemeen; art. 6, eerste lid, EVRM
Essentie
Bij huiszoeking inbeslaggenomen stukken konden niet dienen tot bewijs onjuistheid navorderingsaanslag. Geen schade in bewijspositie
Samenvatting
In geschil is een navorderingsaanslag, opgelegd wegens niet-aangegeven winst uit onderneming. De navorderingsaanslag berust op gegevens, verkregen tijdens een tegen belanghebbende ingesteld straf rechtelijk onderzoek, waarbij onder andere een huiszoeking plaatsvond.
In cassatie stelt belanghebbende dat hij in zijn bewijspositie is geschaad omdat een deel van de bij die huiszoeking inbeslaggenomen stukken niet is geretourneerd.
HR: Deze klacht faalt, omdat de door het Hof vastgestelde feiten geen andere conclusie toelaten dan dat zich onder de inbeslaggenomen stukken geen documenten bevonden die ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.