BNB 2000/23
Economische eigendom
HR 03-11-1999, ECLI:NL:HR:1999:AA2920, m.nt. J.W. Zwemmer
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
3 november 1999
- Magistraten
Stoffer; Korthals Altes; Pos; Beukenhorst; Monné
- Zaaknummer
34 829
- Conclusie
A-G mr. Moltmaker
- Noot
J.W. Zwemmer
- LJN
AA2920
- JCDI
JCDI:ADS888135:1
- Vakgebied(en)
Onbekend (V)
Belastingen van rechtsverkeer / Algemeen
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:1999:AA2920, Uitspraak, Hoge Raad, 03‑11‑1999
ECLI:NL:PHR:1999:AA2920, Conclusie, Hoge Raad (Parket), 25‑05‑1999
- Wetingang
Art. 2 Wet BRV
Essentie
Economische eigendom
Samenvatting
Belanghebbende en zijn echtgenote hebben samen van de vader van de laatste de eigendom in eco nomische zin van diens woning gekocht. In de desbetreffende akte is uitdrukkelijk bepaald dat het risico van het tenietgaan van de zaak bij de verkoper blijft.
HR: De wetgever heeft in de definitie van art. 2, tweede lid, Wet BRV, twee elementen opgenomen - het risico van waardeverandering en het risico van tenietgaan - welke elementen, aldus de Memorie van toelichting, de essentie van de definitie vormen, waaraan is toegevoegd: 'Indien aan een van beide criteria niet is voldaan, ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.