FED 2003/552
Het toetreden tot een vennootschap tegen inbreng in geld valt volgens het Hof van Justitie buiten de reikwijdte van de Zesde BTW-richtlijn
HvJ EG 26-06-2003, ECLI:EU:C:2003:381, m.nt. J.J.P. Swinkels
- Instantie
Hof van Justitie van de Europese Gemeenschappen
- Datum
26 juni 2003
- Magistraten
Puissochet; Gulmann; Macken; Colneric; Rodrigues, cunha
- Zaaknummer
C-442/01
- Noot
J.J.P. Swinkels
- LJN
AV3678
- JCDI
JCDI:ADS234483:1
- Vakgebied(en)
Onbekend (V)
Omzetbelasting / Algemeen
Europees belastingrecht (V)
Europees belastingrecht / Algemeen
- Brondocumenten
ECLI:EU:C:2003:381, Uitspraak, Hof van Justitie van de Europese Gemeenschappen, 26‑06‑2003
ECLI:EU:C:2003:75, Conclusie, Hof van Justitie van de Europese Gemeenschappen, 06‑02‑2003
- Wetingang
Art. 2 Zesde BTW-richtlijn
Essentie
Het toetreden tot een vennootschap tegen inbreng in geld valt volgens het Hof van Justitie buiten de reikwijdte van de Zesde BTW-richtlijn
Uitspraak
1 Bij beschikking van 27 september 2001, bij het Hof ingekomen op 16 november daaraanvolgend, heeft het Bundesfinanzhof krachtens artikel 234 EG twee prejudiciële vragen gesteld over de uitlegging van de Zesde richtlijn 77/388/EEG van de Raad van 17 mei 1977 betreffende de harmonisatie van de wetgevingen der lidstaten inzake omzetbelasting - Gemeenschappelijk stelsel van belasting over de toegevoegde waarde: uniforme grondslag (PB L 145, blz. 1; hierna: Zesde richtlijn).
2 Deze vragen zijn ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.